Oak

Ik had het Bart al ontelbare keren doorgestoken: dat er nog een sterrenrestaurant was hier in Gent dat ik niet kende, dat hij er al ontelbare keren was gaan eten, en dat ik er nog steeds niet geweest was.

Hij had me de 17de doen uitblokken in de agenda om iets te eten voor onze huwelijksverjaardag, en vandaag wist hij me te vertellen dat het per fiets zou zijn. Ha bon, dat liet niet veel opties open natuurlijk ^^

Dus ja, tegen zeven uur waren we in de Hoogstraat in Oak. De ingang is bijzonder onopvallend, een beetje sjofel zelfs, met losliggende tegels en zo. Maar binnen is het wél aangenaam, en tegenwoordig is er ook een eerste verdieping, waar Bart en ik aan het raam zaten en dus alle passanten konden bekijken. Waarover trouwens later meer.

Bart ging voor de volle acht gangen – normaal gesproken zeven, maar de chef had vandaag nog een specialleke – en ik voor de zeven, dat was al meer dan welletjes.

Het begon met een resem hapjes: pizza bianca, eiersalade soufflé met Holsteiner, gepekelde groente, gefermenteerde zwarte bonen, gebrande mais en bieslook, venkel en pompoenpit.

Intussen was ons opgevallen dat er buiten een koppel al een paar keer gepasseerd was aan de overkant: de Begijnengracht in tot het einde, terug tot aan het kruispunt met de Begijnhoflaan en opnieuw. Zij was driftig aan het bellen, hij volgde haar redelijk slaafs met zijn koptelefoon op.

Bij ons volgde er een voorgerecht van krab met nori, dan hamachi (een soort vis) met tahini, en vervolgens doperwtjes met vin jaune. Waarbij wel een keer of drie beklemtoond werd dat dit een vegetarisch gerecht was. Alsof dat iets speciaals is?

Buiten liep de jongedame nog steeds heen en weer, hij had intussen afgehaakt en was verdwenen.

Wij kregen een stukje zeeduivel in miso, en dan een stukje Baskisch rund Txogitxu op de barbecue. Voor Bart zat daar nog een Aziatisch gerecht met paling tussen.

Buiten was de jongedame, nog steeds vertwijfeld telefonerend, op de ‘zulle’ gaan zitten van de voormalige Pizza Roma, en hij was erbij komen zitten met een fles water, een ijsje en een zak chips voor haar, die ze verbeten naar binnen propte terwijl ze af en toe haar ogen afveegde.

Bart koos een kaasplank in plaats van dessert, ik kreeg een dessert met kers en kardemom, en daarna een tweede dessert met passievrucht en chicorei.

En buiten? Daar was zij weer beginnen lopen, ik telde toertje 31, gene zever. Ze waren dus al aan het lopen toen wij toekwamen, en toen we op de fiets zaten, passeerde zij nog steeds. Bizar, bizar, en hoogst vermakelijk. Ik had er gewoon medelijden mee.

Maar wat vond ik nu van Oak? Wel, zoals Bart het stelde: he was underwhelmed. Het was zeer goed, maar niet wat ik verwacht had, en hij zei dat het niet het niveau had gehaald dat hij eigenlijk gewoon was. Het was allemaal lekker – uiteraard – maar er waren geen gerechten bij waardoor ik van mijn stoel werd geblazen, en dat verwacht je eigenlijk wel een beetje voor die prijs.

Mja. Maar al bij al wel een zeer aangename avond gehad met mijn lief, en dat was de bedoeling.

 

Gent Jazz

Awel, ik ben bijna beschaamd om het toe te geven, maar Bart en ik waren nog nooit op Gent Jazz geweest. Dat speelt zich tegenwoordig af op de site van de Bijloke, en is veruit het gezelligste, gemoedelijkste festival dat ik al gezien heb. Of zoals Bart het zei: “Helemaal op ons maat: niet te druk, lekker eten, fijne omgeving, de muziek niet te luid, en we kunnen met de fiets naar huis.” We worden oud, zeker?

Enfin, het begon eigenlijk allemaal nog beter, want we waren uitgenodigd door VOKA aan hun huis naast de Vooruit voor een fijne walking dinner op hun terras daar. En daarna namen we gewoonweg de boot tot aan de Bijloke, uiteraard met een klein omwegje of het werd wel heel kort.

We kregen nota bene elk nog een fijn budget in Jazztons om te spenderen aan eten en drinken, en liepen het grasveld op. We luisterden even naar ene Julia die iets bracht in de stijl van Björk maar minder goed, zetten ons even te babbelen met een van de vele bekenden die we tegenkwamen, en zochten iets uit om te eten.
Een ijsje en een bordje rijstpap met heel veel vers fruit later

zaten we ademloos te luisteren naar Joan Baez. Dat mens is 78, even oud als mijn pa en schoonma, maar stond daar wel in het begin helemaal alleen. Daarna werd ze bijgestaan door haar eigen zoon op slagwerk, een multi-instrumentalist (bas, piano, viool, percussie, gitaar, mandoline) en een tweede zangeres. Maar wat een présence, wat een stem!

Net voor het laatste nummer zijn we weggegaan: we hadden geen zin in de drukte en mijn rug vond het welletjes. We moesten dus wel nog een kwartiertje te voet terug naar de Vooruit en dan nog een twintig minuutjes naar huis fietsen, maar ik ben dol op een nachtelijke stad en genoot ook daar intens van.

Gent Jazz: ik ben fan.

Living in ’t Park

Sinds vorig jaar heeft Wondelgem er een nieuw, kleinschalig festivalletje bij: Living in ’t Park. Ze noemen zichzelf een traag festival voor familie en vrienden, en dat klopt wel. In de Dries van Wondelgem, een klein bosachtig park rond de kerk, was het vooral gezellig. Zetels, hangmatten, een klein podium met dansvloer, verschillende workshops voor kinderen maar ook volwassenen, voorlezen, eetstandjes, lange gezellige tafels…
Vorige keren zijn we er niet geraakt, deze keer was ik het wel vast van plan. Het was dan ook ideaal dat Lieze haar verjaardagsfeestje eigenlijk in het park doorging, en dat wij daar dan ook maar blijven hangen zijn.
Het werd bijzonder gezellig en eten deden we dan ook maar ter plekke. Zelfs Wolf vond het er fijn. Merel is nog wat langer gebleven met haar vriendinnetjes, wij zijn rond een uur of acht naar huis gegaan.

Geocachen in Lochristi en omstreken

Vandaag moest ik in Lochristi zijn: ik heb er een heel leuk setje van een doosje voor dobbelstenen én glasonderzetters gekregen via GIFT. Het leek me een ideaal cadeautje voor Wolf. Nu ik er toch was, vond ik dat ik meteen een stevig rondje kon wandelen en geocachen. Kwestie van de rug in topvorm te houden in de examens en zo.

Ik dacht aan een multi van zo’n vijf kilometer, maar toen ik me aan de sporthal parkeerde, begon het er eigenlijk al vrij dreigend uit te zien: dikke grijze donderwolken. Goh, dacht ik, ik ben niet van suiker en ik zal het wel even uithouden, toch? Ik trok op weg en genoot intens van een mooie wandeling langs paadjes en wegels.

Tot plots het begon te gieten. Eerst nog een stevige regen die ik nog wel aan kon onder de bomen, maar toen werd het een heuse wolkbreuk. Met alles erop en eraan. Ik kon me gelukkig een beetje verschuilen onder een bosje, maar echt droog bleef ik toch niet. Maar ik stond er wel te genieten met een grote grijns op mijn gezicht. Wat ben ik toch een geluksvogel dat ik dit gewoon (nog) kan!

Na een twintigtal minuten minderde het wat en was mijn geduld op, en dus liep ik verder, mijn regenjasje (zonder kap) goed dichtgetrokken waardoor ik me wel te pletter zweette.

De cache zelf werd gelukkig goed gevonden, alleen werd het een dure wandeling: thuisgekomen haalde ik mijn zonnebril uit mijn jas, opende het doosje, en… foetsie! Serieus! Een quasi nieuwe bril van 300 euro 🙁

Ik denk dat ik morgen nog even ga kijken, ik weet waar en wanneer ik hem gewisseld heb voor mijn gewone bril. Ugh.