Een welbestede woensdag

Een prachtige woensdagmiddag, en vanaf morgen weer regen, en een heleboel redenen om in ‘t stad te moeten zijn: meer hadden Merel en ik niet nodig om de fiets op te gaan en effectief naar ‘t centrum te rijden. Enfin ja, zij nog steeds achterop, want zo goed kan ze nog niet fietsen.

We fietsten naar het MIAT om er eindelijk een cache op te pikken – deze keer vonden we hem meteen – en ook coördinaten van de brug te bepalen. De week voor de paasvakantie is er immers projectweek voor de vijfdes, en daarvoor had ik een aantal jaar geleden een GPS-tocht op poten gezet. Alleen bleek die te lang, en moet ik hem nu dus inkorten. En daarvoor heb ik een paar nieuwe coördinaatpunten nodig.

We fietsten verder langs het water naar de Veermanbrug voor alweer coördinaten, en vervolgden onze weg langs de Reep en de Bisdomkaai, over de heel erg drukke Korenmarkt, tot aan de fietsenstalling voor de Hema. Daar waaiden we binnen, want een ander doel vandaag was het vinden van stevige en vooral grote fietstassen voor Kobe. Zijn immense rugzak moet erin kunnen, en aan de andere kant dan zijn jas en turnzak. Meteen hadden we nog wat knutselgerief, stroopwafels en chocolade mee. Tsja.

We liepen verder de Veldstraat in om een ijsje te halen. Tradities zijn er om gerespecteerd te worden, vonden we allebei, en de Damass was nog niet open, maar aan de Australian stond een lange rij. We zijn daarna dan maar aan het water gaan zitten, op een trapje tegenover het Duivelssteen. Zalig.

En toen gingen we terug richting onze fiets, en besloten we om alsnog even in de C&A binnen te gaan: ik heb namelijk een chique zwarte broek nodig voor Roelands trouw, want de top heb ik al. Heel veel zin had ik er niet in, maar bon, het moet toch ooit een keer. En jawel, na wat zoeken vonden we de perfecte broek, en ik had meteen ook nog een witte bloes mee, iets wat ik eigenlijk al lang eens nodig had.

Het begon al te schemeren toen we terug thuis waren na opnieuw een fijn fietstochtje.

Win.

Meisjesweekend

Bart zit in New York, de jongens zitten op Roanoke, en dus hebben Merel en ik het kot voor ons alleen. Gisterenavond hadden we daar niks aan omdat we zo laat thuis waren van Geel, maar vandaag gingen we het onderste uit de kan halen, en dat hebben we dan ook maar gedaan ^^

Ze had eerst muziekles van negen tot elf in Evergem, en daarna zijn we gezellig op de markt gaan rondlopen om alle ingrediënten voor de lasagne morgen te verzamelen. Net geen negen euro voor een kleine pompoen, een zak wortels, drie paprika’s, een bak champignons, twee ajuinen en een pastinaak: geen geld! En vooral ook kraakvers.


Thuis propten we alles in de koelkast en stapten daarna samen de fiets op, gewapend met een rugzak en een fietsmandje, aangezien Merel achterop zit en mijn fietstassen dus niet bruikbaar zijn. Het was immens stralend weer, en we genoten intens van het fietstochtje.

Aan de Hema werd onze fiets netjes op de fietsenparkeerplaats gestald, en gingen we gezellig samen frietjes eten, zalig in de zon op het grote terras daarboven, onder begeleiding van de zoele klanken van een hakkebord.

Ik had intussen gemerkt dat mijn achterste fietsband niet echt hard meer stond, en dat mijn slot dreigde te blokkeren, dus we wandelden rustig naar de fietsherstelplaats onder de Stadshal voor een druppel olie en een zucht lucht, die ik beide met de glimlach en voor niets kreeg. Dik in orde!

We fietsten naar de Reep om de nieuwe waterloop te bezichtigen en meteen ook de cache aan de Scaldissluis te vervangen, en zagen ook voor het eerst effectief een kajak gebruik maken van de kajakglijbaan.

We fietsten fluks door naar de Hopper om nieuwe scoutstruien, en zaten nu al zo ver dat we maar gewoon doorfietsten naar het Citadelpark. Daar gingen we eerst even rondlopen in het S.M.A.K., maar stelden vast dat Raoul De Keyser ons ding niet is. Marcel Duchamp zagen we al beter zitten, eigenlijk. We zijn dan maar nog Pokémon gaan vangen in het park, en maakten er een zeer aangename wandeling van.

We hadden eigenlijk iets willen drinken in de kiosk daar in ‘t park, maar blijkbaar was dat maar tot eind september. Tsja, er zat dan maar niks anders op dan terug naar ‘t stad te fietsen en daar een ijsje te halen. Hoe jammer nou… Maar eerst fietsten we nog vrolijk door het Miljoenenkwartier om twee caches op te halen.t

We sloegen nog stapels pepernoten in in de Hema, een ongelofelijk schattige vleermuisdiadeem en nog wat extra Halloweengerief, en fietsten toen gewoon naar huis, om tegen half zes gewoon in de zetel te ploffen.

Om zes uur haalden we onszelf weer uit de zetel, sleepten ons naar de winkel, en sloegen vooral, naast sandwiches, ook hapjes in. Tegen zeven uur versierden we het huis, trok Merel haar vleermuisonesie aan, en nestelden we ons samen in de zetel met een zak monsterchips en een fijne heksenfilm.

Toen ik haar om negen uur in bed stak, kreeg ik een extra lange knuffel: “Dank je mama, voor zo’n geweldige dag!” En ik kon dat alleen maar beamen.

Toonmoment en bijhorend stadsgeloop

Kobe had vandaag voor fagot een toonmoment in ‘t stad: niet in de Drabstraat, zoals de vorige keer, ook niet in de Poel zelf, maar wel op de hoek van de Ramen, in het foyer van een serviceflatgebouw. Wijs hoor!
Hij moest er een uurtje op voorhand zijn om nog even door te spelen, en intussen dronken Merel en ik een koffie op het terras van – waar anders? – de Labath er schuin tegenover. Toen Kobe moest spelen, kwam hij ons halen, en namen we onze drankjes gewoon mee.

Na zijn optredentje  brachten we de fagot opnieuw naar de auto – dat ding is loodzwaar! – en gingen een ijsje halen. Ha ja, tradities zijn er om in ere te houden.

Het was er ook ideaal weer voor, om, gezeten op het muurtje van de Graslei onder de grote paraplu die dienst deed als parasol, te genieten van zo’n ijsje.

Geef toe?

Dagje stad

Het zijn de laatste dagen van de tentoonstelling “Hello Robot” in het Design Museum, dus als we wilden gaan, moesten we dat nu doen.
Wolf werd op zijn uitdrukkelijke vraag gedropt bij een maatje in Belzele, zodat Kobe, Merel en ik vrij en vrolijk de stad in konden, en maar rekening moesten houden met één kapotte rug in plaats van twee.

We parkeerden in de Ramen, wandelden naar het museum, keken, lazen, bestudeerden en namen een selfie met R2D2. Ha ja, ge zijt nerd of ge zijt het niet :-p

Daarna gingen we een ijsje halen: traditie is nu eenmaal traditie.

We hadden nog tijd en een klein beetje energie over, en dus gingen we in de C&A twee kleedjes kopen voor Merel (voor Kobes lentefeest), zochten nog naar een mooie pull voor hem, haalden een Uitpas, keken nog rond in de H&M, de Hema, en besloten toen dat het welletjes was, en tijd voor een koffie, respectievelijk appelsap en warme chocomelk in de Labath.

Fijne dag, daar niet van, maar wel moordend voor de rug. Bon, ik heb vanavond geen plannen meer, ik blijf wel liggen dan.

Namiddagje Blaarmeersen

Gisteren kreeg ik plots de vraag van Fien: of Wolf en Kobe zin hadden om met Rhune en Ralph mee te gaan naar de Blaarmeersen? Ik repliceerde meteen: waarom niet gewoon allemaal samen?

De bedoeling was dat we om één uur aan de parking gingen staan, maar dat ging eigenlijk nogal haastwerk worden, en vooral: ik had mijn zinnen gezet op een bolderkar! Nu we dinsdag die van Sandra hadden gebruikt voor het Middelheimpark, had ik pas goed door ho handig zo’n ding eigenlijk wel is. En aangezien we ook nu niet goed wisten of het wel warm genoeg ging zijn om te zwemmen, wilden we zwemgerief mee, maar ook water en iets te knabbelen, een bal, het Kubbspel, enfin, alweer een halve koffer vol. Wolf kan nog steeds niets dragen, dus ik ging zelf de pakezel van dienst zijn.

Hmm.

Om half twaalf keek ik dus op tweedehands.be, en zag ik dat er deze morgen hier in Gent een bolderkar was aangeboden voor 25 euro. Ik deed een bod, en stuurde meteen een smsje dat ik ze eventueel zelfs meteen kon komen ophalen. De mensen in kwestie zagen dat helemaal zitten: ik mocht ze om half twee voor dat bedrag komen ophalen aan de Tolhuislaan. Nog onze kant van Gent ook, dubbele chance!

Een en ander zorgde er dus voor dat we pas tegen twee uur op de Blaarmeersen waren, maar wel mét bolderkar, waar ik eigenlijk onredelijk content mee ben :-p

We installeerden ons, en de kinderen gingen meteen zwemmen, rondlopen, onnozel doen, kortom, zich amuseren.

Wij kletsten wat, ik liep met Merel tot in het water, maar ik had echt geen zin om te zwemmen. Rond een uur of vijf, na een ijsje, was het welletjes: Fien moest nog een barbecue voorbereiden, en Wolfs rug had het wel weer gehad. Maar ik ben wel blij dat ik hem daar heb zien tikkertje spelen, zwemmen, lachen, enfin, plezier maken. Hopelijk helpt de kine straks…

Enne, weete? Ik heb een bolderkar :-p