TVTunes K.N.T. van Wim Opbrouck en Ron Reuman

Af en toe vraagt Véronique me mee uit: in het begin van elk theaterseizoen legt ze een aantal tickets vast, en dan ziet ze wel wie mee wil en kan. En ik ben een van de gelukkigen aan wie ze het regelmatig vraagt.

Om half acht stond ze bij mij, tegen tien voor acht wandelden we de Sint-Michielsbrug op, met een zicht dat nog veel mooier was dan anders: de gouden gloed van de avondzon tegen inktzwarte donderwolken, en daar zelfs nog een regenboog tussen.

En de voorstelling? Wel, we hebben in elk geval goed gelachen! De perstekst zegt; “De Smurfen wonen nog steeds in hun hallucinerende paddestoelenbos, Beertje Colargol ontroert nog altijd met zijn ontzagwekkende fluitefluit en ook Ome Willem serveert zijn royaal belegde broodjes poep weer smaakvol en genereus!”

KNT dus, omdat de spelers duidelijk ongelofelijk veel lol hebben met hun puberale humor en compleet foute opmerkingen. En de zaal dan ook regelmatig in de lach schiet. Maar het zijn wel topmuzikanten: Maya de Bij wordt omgevormd tot een zuiderse rumba, de smurfen worden een vrolijke reggae, een van de nummers gaat naadloos over in een aantal electronummers uit de jaren tachtig zoals Is Vic there?, er wordt gerock&rolled,  er zijn jazznummers, en het thema van Paulus De Boskabouter gaat zelfs helemaal op in A Forest van The Cure.

Al bij al een zeer entertainende avond, en meer moet dat gewoon niet zijn.

Chambre Séparée

Al tijden geleden had Bart deze woensdagavond in mijn agenda uitgeblokt. Geen ideale keuze, zo bleek, want ik had eigenlijk quiz, een lezing die ik zeer graag wou bijwonen, én een vergadering van het Certaminacomité. Die geen van allen in mijn agenda stonden, dus Bart had groot gelijk. En uiteraard kreeg mijn echtgenoot voorrang, zeker toen ik wist wat de plannen waren.

We hadden het al lang gezegd dat we naar de nieuwe locatie van Kobe Desramaults wilden, zeker omdat het gewoon in ons eigenste Gent is. En ja, het was vreemd om in “den RTT” een chique restaurant te zien, in plaats van verouderde blauwe pluchen zetels en pancartes en oude telefoons, zoals ik dat nog van 30 jaar geleden in mijn hoofd heb.

We namen plaats in de zeteltjes vooraan met een aperitiefje en een paar hapjes, en werden na een kwartiertje of zo naar onze plaats aan de “toog” geleid: zowat iedereen zit inderdaad te kijken naar de volledig open keuken, waardoor je elk gerecht door de handen van de verschillende chefs ziet gaan, en waarbij je ook een prachtig zicht hebt op de houtvuren waarop alles klaargemaakt wordt. Zoals Bart het stelde: het is eigenlijk een spektakel, een show, en die is schitterend.

Het menu heb ik hier, tijdens het typen, niet bij, die voeg ik later wel toe. Wel kan ik al de foto’s laten zien. Geen goeie foto’s, wegens snelle snapshots met de GSM, maar het geeft wel een idee.

En het eten, tsja, dat was bijzonder lekker, en veel, maar wel snel na elkaar en soms zenuwachtig, iets wat ik me nog herinner van In De Wulf ook.

Ik was wel wat verschoten van de prijs: het was als eensterrenrestaurant een derde duurder dan De Jonkman, dat twee sterren heeft en waar we een gelijkaardig menu hebben gegeten. Al was daar de show lang zo goed niet.

Oh, en het was ook de eerste keer dat ik na een restaurantbezoek mijn kleren in de wasmand moest gooien wegens een heerlijke kampvuurgeur ^^

Al bij al een zeer fijne avond gehad met mijn liefste. Dank u, schat!

Een welbestede woensdag

Een prachtige woensdagmiddag, en vanaf morgen weer regen, en een heleboel redenen om in ‘t stad te moeten zijn: meer hadden Merel en ik niet nodig om de fiets op te gaan en effectief naar ‘t centrum te rijden. Enfin ja, zij nog steeds achterop, want zo goed kan ze nog niet fietsen.

We fietsten naar het MIAT om er eindelijk een cache op te pikken – deze keer vonden we hem meteen – en ook coördinaten van de brug te bepalen. De week voor de paasvakantie is er immers projectweek voor de vijfdes, en daarvoor had ik een aantal jaar geleden een GPS-tocht op poten gezet. Alleen bleek die te lang, en moet ik hem nu dus inkorten. En daarvoor heb ik een paar nieuwe coördinaatpunten nodig.

We fietsten verder langs het water naar de Veermanbrug voor alweer coördinaten, en vervolgden onze weg langs de Reep en de Bisdomkaai, over de heel erg drukke Korenmarkt, tot aan de fietsenstalling voor de Hema. Daar waaiden we binnen, want een ander doel vandaag was het vinden van stevige en vooral grote fietstassen voor Kobe. Zijn immense rugzak moet erin kunnen, en aan de andere kant dan zijn jas en turnzak. Meteen hadden we nog wat knutselgerief, stroopwafels en chocolade mee. Tsja.

We liepen verder de Veldstraat in om een ijsje te halen. Tradities zijn er om gerespecteerd te worden, vonden we allebei, en de Damass was nog niet open, maar aan de Australian stond een lange rij. We zijn daarna dan maar aan het water gaan zitten, op een trapje tegenover het Duivelssteen. Zalig.

En toen gingen we terug richting onze fiets, en besloten we om alsnog even in de C&A binnen te gaan: ik heb namelijk een chique zwarte broek nodig voor Roelands trouw, want de top heb ik al. Heel veel zin had ik er niet in, maar bon, het moet toch ooit een keer. En jawel, na wat zoeken vonden we de perfecte broek, en ik had meteen ook nog een witte bloes mee, iets wat ik eigenlijk al lang eens nodig had.

Het begon al te schemeren toen we terug thuis waren na opnieuw een fijn fietstochtje.

Win.

30 kilometer gefietst vandaag!

Jawel, 30 kilometer elektrische fiets op de teller vandaag. Daar ben ik eigenlijk wel trots op, hoe banaal dat voor andere mensen ook moge zijn. Maar met mijn rug vind ik dat al bij al niet slecht, nee.

Hoe kom ik nu aan 30 kilometer op een werkdag? Wel…

Ik moest lesgeven op school van 10.10 uur tot 12.05 uur, en reed met de fiets. 5 kilometer. Om twaalf uur moest ik echter richting ‘t stad geraken om daar mee te doen met het project van de eerstes, en een groep begeleiden in het Huis van Alijn. Aangezien ik nog altijd niet goed tegen de bus kan en het prachtig weer was, fietste ik uiteraard van Mariakerke tot op de Vrijdagmarkt. 5 kilometer.

Ik liep mee rond in het museum, keek rond, en wandelde dan met de leerlingen tot aan Sint-Jacobs, waar ik hen samen met de andere begeleider op bus 3 zette. En toen wilde ik wel eens zien wie het snelst zou zijn: de bus, of ik per fiets. Wel, tot mijn grote verbazing heb ik maar liefst 7 minuten moeten staan wachten aan de eindhalte tot de bus eraan kwam. 5 kilometer.

Ik wandelde met de leerlingen tot aan de school, en reed toen met Kobe naar huis. 5 kilometer.

Daar ging ik heel eventjes liggen – zo’n museum met zijn rechtstaan en slenteren is moordend voor de rug – hing toen het mandje weer aan mijn fietsstuur, haalde de fietstassen van mijn bagagedrager en bond er het kussentje op, en zette toen Merel achterop. Door een en ander hadden we behoorlijk wat vertraging en waren we eigenlijk al te laat. Op een kwartier stond ik met Merel aan de Poel. 5 kilometer.

Na haar blokfluitles reden we fluks terug naar huis, want veel tijd had ik eigenlijk niet: ik wilde om zeven uur op de Blandijn staan voor een lezing, maar daarover later meer. Enfin, we fietsten vrolijk terug naar huis: 5 kilometer.
Ik geef het toe, ik had ‘s avonds ook nog wel met de fiets naar de Blandijn kunnen gaan, maar ik had daar te weinig tijd voor, én het was welletjes geweest.

Maar ja, dertig kilometer, ik vind dat niet zo slecht. Ik heb er in elk geval bijzonder veel deugd van gehad.

Mijn hoofd loopt om…

Om het maar eens met een mooie Hollandse uitdrukking te zeggen. Het zijn ook van die rare dagen: de examens zijn gedaan maar er moet nog vanalles gebeuren.

Deze morgen stond ik om kwart over negen per fiets in ‘t stad, meer bepaald met drie, vier, vijf en zes aan de Sphinx voor ‘A Star is Born’: niet bepaald het soort film dat ik thuis zou bekijken, maar ik was wel onder de indruk van zowel Lady Gaga – dju dat mens kan toch echt wel zingen! – als Bradley Cooper. Knappe vent, met een goeie stem. Uhhuh.

Daarna dweilde ik nog even door ‘t stad op zoek naar een leuke en betaalbare kersttrui, maar helaas. Ik vond wel nog een paar andere leuke dingetjes, en was tegen half twee thuis. De kinderen hadden tegen dan al gegeten, oef.

Na nog een hoop klassenraadwerk reden Merel en ik alweer richting ‘t stad, met de auto deze keer, voor haar blokfluitles. En daarna liepen we nog even samen naar de Korenmarkt, want ze had nog geen vieruurtje gehad. Het werden dus maar churros, en erg dat ik dat vond!

En na het eten ging ik nog even een kijkje nemen bij ons pa, maar die stelde dat prima. Nog steeds even duizelig, maar wel ferm content en op zijn gemak daar in ‘t ziekenhuis. Oef.