Beugel

Al sinds begin 2014 weten we dat Wolfs mond te klein is, dat zijn tanden lastig doen, en dat hij wellicht een beugel ging moeten dragen.

Ondertussen zitten we een heel pak verder, maar is hij nog steeds niet al zijn melktanden kwijt. Hij heeft er nog twee stuks, om precies te zijn.

In juni was hij met Bart naar de orthodontist geweest voor een compleet onderzoek en foto’s van gebit, schedel en kaak, en vandaag mocht ik even gaan luisteren wat daar de conclusies van waren. Ik zat vooral met open mond naar de software van de orthodontist te kijken: die 3D beelden waren schitterend om te zien! En vooral heel handig om uit te leggen.

Want niet alleen staan Wolfs snijtanden boven- en onderaan naar binnen gekeerd, en staat de rest ook redelijk scheef, hij heeft blijkbaar ook een diepe beet. “We spreken van een diepe beet als de voorste tanden ver over elkaar  bijten. In sommige gevallen bijten de ondersnijtanden in het verhemelte en dit kan op termijn tot onherstelbare schade leiden.” Waar de rest nog een esthetische zaak is, kan dit wel echte problemen opleveren. Die beugel is dus ook écht nodig.

Enfin, het zal nog niet voor sebiet zijn, want eerst moet hij naar de tandarts om die twee koppige melktanden te laten trekken, en dan is het even wachten tot de definitieve tanden zijn doorgebroken.

Maar binnen afzienbare tijd zitten we dus met een beugelbekkie. Kan gebeuren.

 

Oude Kalevallei

Soms hoeft een zondag niets meer te hebben dan gewoon je familie, lekker eten, een goed boek en een wandeling.

Arwen was hier, en tegen negen uur ongeveer moest ze terug in Lovendegem staan. Wolf was ongelofelijk gewonnen voor het idee om iets vroeger te vertrekken en in de vallei van de Oude Kale een paar geocaches te zoeken en dus een wandeling te maken. Wij hadden dat al eens gedaan met ons tweetjes, en dat was toen gigantisch meegevallen.
Aangezien ik geen plattegrond had, hebben we het ons niet geriskeerd om de volledige toer te doen: we wisten niet hoe ver het pad ons zou brengen. Maar we hebben wel twee caches gevonden en alle vier echt genoten van de wandeling op deze zoele zomeravond.

De laatste cache hier zal voor een volgende keer zijn, en we vinden dat niet erg ^^

De Haan en Bredene

Awel, het was echt fijn om gisterenavond Wolf nog thuis te hebben, en te zien hoe hij deze morgen nog aan het spelen en onnozel doen was met Merel en Kobe.
Tegen half elf zijn we in de auto gestapt, en we waren er ietsje te laat – hij moest binnen zijn om half twaalf – omdat er nog file stond wegens een ongeluk in Jabbeke. Niet dat ze moeilijk deden, gelukkig maar.
Ik ging in en rond Bredene nog wat caches zoeken: eentje die de teloorgang van de oude architectuur aankaartte, eentje in een compleet verloren hoekje bos, eentje (een earth cache) die me wees op het bestaan van fossiele duinen, en dan nog twee losse.

Tegen een uur of twee stond ik weer thuis met een stevige honger, op tijd om nog wat was op te vouwen en dat soort onzin, en dan om acht uur opnieuw op het koor te staan. Ha ja, repetitie voor onzen Djiezes natuurlijk. De repetitie van morgen is verzet naar donderdag: voetbal, weetuwel? Tsja…

Lang leve de zondagavond!

Heerlijk: je belt naar het Zeepreventorium voor een praktische vraag, krijgt de psychologe aan de lijn, en die geeft eventjes Wolf door want die liep net naast haar.

Wat ik haar wou vragen, was het volgende: ook in de vakantie zit Wolf wel degelijk in De Haan. Het is namelijk een ziekenhuisbehandeling cum school, en niet omgekeerd. Het is dus niet omdat de school stopt, dat de behandeling stopt. Ik weet wel dat dit voor ons allemaal veel lastiger gaat worden – en al is. Het is zalig dat ik gewoon thuis kan zitten niksen, samen met Merel en Wolf, en ja, het piekt dat Wolf er niet is.
Aangezien hij de tien nachten die hij mist door mee te gaan naar Rhodos, moet inhalen, blijft hij nu ook telkens de vrijdagavond ginder, en kunnen we hem pas ophalen tegen half twee op zaterdag. Dat maakt de weekenden extra kort natuurlijk. Normaal gezien moet hij op zondag tegen kwart over acht/half negen terug zijn, zodat iedereen zonder stress op maandag kan beginnen met de behandelingen en school. Die zondagavond telt eigenlijk niet als overnachting, maar is gewoon praktisch, zeker voor die kinderen die uit Limburg of Wallonië komen, en dus drie-vier uur onderweg zijn.
Nu, Wolf heeft geen behandeling op maandagmorgen, en school ook al niet. En ik dacht dus: ik moet toch niet werken, er is op maandagochtend hier geen stress, dus waarom zou hij niet op maandag mogen binnenkomen? Dan heeft hij nog de zondagavond met ons allemaal, en kan hij hier rustig wakker worden en ‘s morgens nog wat spelen met de kleintjes.

Ik belde dus om te vragen of hij niet op maandag mocht binnenkomen, en ze zag er meteen de voordelen van in, vooral mentaal. Ze ging het bespreken met de behandelende groep, en me nog iets laten weten.

Vanmiddag liet Wolf al weten: “Ja, mama, het mag!” Mijn hart maakte een sprongetje: van zaterdag half twee tot maandag tien uur ‘s morgens is toch alweer net iets meer. Oef.

Het worden lange dagen, nu in de vakantie…

Vrolijk doorheen het Vlaemsche land…

Jawel, alweer een dag van kilometertjes, en dan vooral nog voor Bart.

Die ging namelijk zijn moeder halen in Ronse: 1.5 uur autorijtijd. Zij was bang dat haar voeten te veel zouden zwellen in de warmte, en wilde dus zelf niet meer rijden. Dat dat voor Bart 5 uur achter het stuur betekende, moest hij er maar bijnemen.

Ze bleef hier eten, samen met ons pa, maar die gooiden we tegen twee uur buiten, zodat we in twee auto’s naar Merchtem (bij Brussel) konden rijden voor het verjaardagsfeestje van Bo. Nog eens twee uur auto erbij dus.

Het feestje zelf was plezant: we konden de hele tijd buiten zitten onder de vaste luifel, er was taart, er was fijn gezelschap, en de kinderen konden spelen.

Maar tegen half zes, ook al zaten we nog gezellig te kletsen, moesten we weg: Wolf moet om zeven uur vertrekken richting Zeepreventorium, en dan hadden we nog een half uurtje om te eten, wat spullen te pakken en dat soort dingen.
De kinderen reden met mij mee, Bart reed rechtstreeks naar Ronse met zijn moeder, maar da’s eigenlijk ook via Gent, zij het niet Wondelgem.

Enfin, iets over zeven tufte ik dus met Wolf richting De Haan: nog eens twee uur auto voor mij erbij ^^
Er was nog net genoeg tijd voor het obligate ijsje en de foto van het beeld.

En dan hielp ik Wolf verhuizen: hij gaat een verdieping omhoog. Niet dat dat qua kamer veel uitmaakt, het is identiek dezelfde, maar op de eerste verdieping slapen de leerlingen uit het middelbaar, en beneden de kleintjes. Hij had eerst dus een kamer beneden, omdat boven alles volzet was.

Aansluitend ging ik – uiteraard – nog geocachen: ik geniet immens van die stille zondagavonden op mijn eentje. Met Wolf ware nog beter geweest, maar bon.
Ik deed er maar twee: Rondje Vlaanderen Bredene: een rondje met 8 tussenpunten langs de “esplanade” van Bredene, en dan terug via het strand. Het was niet meteen mijn mooiste toertje, maar wel heel mooi uitgewerkt, en zalig om te wandelen.

De cache zelf lag in het bos, en was een pareltje: eerst een “tool” zoeken, en dat bleek een holle boomstam te zijn met drie in elkaar te vijzen stukken van een lange roe met een haakje aan. De cache zelf bevond zich hoog in een boom en was naar beneden te halen via het eendjesvissysteem. Alleen was het intussen al behoorlijk aan het schemeren – al zeker in dat duinbos – en viel dat nog niet mee. In de cache moest je dan nog een raadseltje oplossen, en pas dan viel hij te openen. Mooi, mooi!

En dan moest ik nog anderhalve kilometer over het strand terug naar mijn auto, en was het intussen al na half elf. De zon was onder rond tien uur, en de lucht was ronduit prachtig!
De gelegenheid was trouwens ook ideaal om een tweede cache te zoeken: eentje diep op een golfbreker, die enkel te bereiken valt bij laag water, zoals nu rond elf uur. In het quasi donker, met mijn tas over mijn schouder, mijn sandalen in mijn ene hand en mijn gsmlichtje in het andere, waagde ik me op de glibberige golfbreker, om effectief een prachtige, waterdichte cache te vinden.

En hoe vaak kan je nog om half twaalf ‘s nachts in een topje rondlopen op een Belgisch strand? Ik had een vestje bij en had het niet eens nodig.

Het was na half een toen ik thuis kwam, de gigantische file was intussen gelukkig helemaal verdwenen. Bart sliep uiteraard al lang, en ik kroop zachtjes tegen hem aan tussen de koele lakens.
Heerlijk einde van een fijne dag.