Overleefd

Voila, we hebben de eerste schoolweek ook alweer overleefd. Het is toch altijd wennen, maar aan de andere kant: de rust en regelmaat doen ook echt deugd!

Ik heb het huis bij momenten weer helemaal voor mezelf, en het ritme is terug: elke dag om zeven uur opstaan, en dan de routine van de dag. Mijn rooster is niet ideaal te noemen – 3 keer amper twee uurtjes, en dan 6 uur plus half uur toezicht op vrijdag – maar dat verandert toch in oktober. En Kobe, die is vlotjes gestart, heb ik de indruk. Hij heeft er zijn draai al gevonden, er zijn vriendjes, en dat fietsen, dat doen we voorlopig zo goed als volledig samen. Maandag en dinsdag zijn we zowel ‘s morgens als ‘s avonds samen gereden, woensdagmorgen is Bart met hem meegefietst en ben ik teruggereden, idem donderdagmorgen, en donderdagavond is hij zelf teruggefietst.

Ik weet wel dat we ons bij Wolf daar eigenlijk helemaal geen zorgen in maakten, maar die fietste ook vaker, en nam in de lagere school ook zelfstandig de tram of de fiets om naar pakweg Quinten te rijden. Kobe is natuurlijk ook een jaar jonger, maar vooral: hij zit met zijn hoofd zowat overal behalve bij wat hij aan het doen is, is veel verstrooider en impulsiever, en ja, we letten wat meer op hem. Tsja. Wolf is nu eenmaal al altijd veel zelfstandiger geweest.

En Merel vindt haar nieuwe juf, juf Ann, de max! Ze zit nu met veel meer meisjes in de klas, een echt groepje vriendinnetjes, en ook dat vindt ze bijzonder fijn.

Yup. Goed gestart, zou ik zeggen.

We zijn er weer aan begonnen…

Gisteren zat ik eigenlijk ook al de hele voormiddag op school – vakantietaak en algemene dingen – en ik ben al sinds 16 augustus bezig op de website: dingen vernieuwen, aanpassen en elke dag een blogpost.

Maar vandaag was het dus al helemaal officieel: in de voormiddag klassenraden, bespreking van zorgleerlingen, en meteen ook een vakgroepvergadering eraan gekoppeld. Ha ja, lang niet al die leerlingen doen Latijn, dus hoefden we niet voortdurend aanwezig te zijn.

Om één uur had de school een broodjeslunch voorzien, kwart voor twee maakte ik de obligate groepsfoto, en dan werd er vergaderd tot half vier.

Ik zat alweer meteen helemaal in the vibe, ik zie het helemaal zitten.

Overwoekerd

Ons ma genoot echt van haar tuin, en werkte daar precies ook graag in. Elk najaar plantte ze nieuwe voorjaarsbollen, om die dan uit te halen en andere dingen te planten. En rozen: ze was behoorlijk zot van rozen, maar evengoed staan er clematis, akeleien, zonnehoedjes, pioenrozen, dahlia’s…

Sinds ze gestorven is, is er helaas naar de tuin niet meer omgekeken. Mijn vader zwoer bij hoog en laag dat hij er eens ging aan beginnen, en dat hij dat zeker ging doen, en dat we geen tuinman moesten zoeken, en…
Intussen zijn we dik twee jaar verder, en is de tuin helemaal overwoekerd. Overwoekerd, als in: er is geen gras, maar zelfs geen betonnen tuinpad meer te zien. Een weg banen naar het kiekenskot is al helemaal onbegonnen werk, en dus loopt er een kieken vrij rond in de tuin, met alle mest en vuiligheid van dien.

Tsja. Op zich allemaal geen probleem, ware het niet dat mijn broer, die een straat verderop woont, zijn bankkantoor gaat verbouwen. Ik hoor u al denken tot hier: wat heeft die verbouwing in hemelsnaam met die tuin te maken??? Wel, zolang er verbouwd wordt, moet mijn broer met zijn personeel natuurlijk een ander onderkomen zoeken. Dat kan in containers, maar dat is hopeloos onpraktisch, veel te klein, en waar zet je die dingen überhaupt? Terwijl mijn vader een groot kantoor ter beschikking heeft, waar vroeger de bank in gevestigd was. Toegegeven: verouderd, nog vol met oude dossiers en andere rommel, maar wél met voldoende plaats, een wachtkamer, loketten, een spreekkamer, enfin, de ideale noodoplossing. Alleen kijkt dat kantoor via een groot raam uit op, jawel, de overwoekerde tuin.

Mijn vader is volop bezig zijn kantoor leeg te maken, en mijn broer had mij aangesproken om eens na te denken over die tuin. Ik heb dan maar rondgehoord of er iemand tegen betaling wilde komen helpen opruimen, en gelukkig was er Manou, een vriendin van Wolf die een straat of twee verderop woont. Kobe, Merel, Manou en ik reden dus naar Zomergem, gewapend met grote zakken voor tuinafval, handschoenen, snoeischaren, haagscharen, the works. Het was al een tijd geleden dat ik nog in mijn ouderlijke huis was geweest, en ik geef het toe: mijn mond viel open bij het aanschouwen der hovingen. Ja maat…

We gingen aan het werk, waarbij ook Kobe en Merel stevig doorwerkten en ik bijzonder voorzichtig probeerde te zijn met mijn rug – tuinwerk is me eigenlijk strikt en expliciet verboden geweest door mijn rugarts. Drie en een half uur later was het grootste deel van het tuinpad vrij, waren de rozen gesnoeid, was er weer een soortement middenperkje te zien, waren er drie jonge bomen afgezaagd, en had ik een wegje vrijgemaakt richting kiekenskot, waarin het kieken zonder veel plichtplegingen werd opgesloten, tot haar grote ontzetting.

Ons pa heeft nu plechtig beloofd dat hij een tuinman ging contacteren om ook de rest wat toonbaarder te maken. Hopelijk ziet die mens zich er nu een begin aan…

Workshop Marketing

Ergens eind mei vroeg mijn directie of ik alsjeblief mee wilde gaan naar een nascholing over marketing en rebranding: hoe zet je je school in de markt, hoe lok je nieuwe leerlingen, hoe maak je van je school een sterk merk?

Aangezien ik daar volop mee bezig ben en daar ook voor betaald word, zag ik dat wel zitten, ja. En dus zat ik van een tot half vijf op het Lyceum voor wat een zeer interessante uiteenzetting werd.
Conclusie: we zijn goed bezig, maar er is nog veel werk aan de winkel. We hebben ons merk, onze huisstijl, ons Unique Selling Proposition, maar we moeten alles nog veel verder doordrijven, en vooral meer zichtbaar maken.

Ik was vooral blij dat mijn directie er ook bij was, zodat ze het ook eens van een ander hoorden. Veel dingen waren nieuw voor mij, maar sommige dingen zeg ik al jaren, waarop er dan zeer twijfelend en weigerachtig gereageerd wordt. Awel: néh!

Nu nog in praktijk brengen…

Onkruidbrander

Er zijn zo van die dagen waarop ge gene klop uitvoert. Allez ja, halve klop.

Een was of twee ophangen, terug binnenhalen en opvouwen, de ramen in de living kuisen,  een hoop onkruid wegbranden…

Voor dat laatste heb ik me een tijd geleden zo’n onkruidbrander gekocht, zo’n elektrisch geval. Dat is een machine op een lange stok dat hete lucht tot 600 graden blaast, en waarmee je je onkruid een thermische shock geeft. Dat zou er dan voor moeten zorgen dat het onkruid ook tot in de wortel dood gaat, en niet meer terug komt. In de tuin kan ik het niet gebruiken, uiteraard, of mijn gras is eraan, maar op ons ellenlange voetpad blijft dat maar terugkomen. Toen de tuinmannen langs waren geweest en echt alles hadden weggehaald, stond het twee weken later weer vol. Zucht. De branderkop heeft een doorsnede van zo’n 6 cm, genoeg om op de kern van het onkruid te branden. Het hele grote voordeel eraan is dat je je niet hoeft te bukken, en dat je dus zelfs met een kapotte rug dat onkruid kunt aanpakken.

Trouwens, dat ding is dus ook zalig om een barbecue mee aan te steken. De onze stond heet in ongeveer vijf minuten, zalig toch?

Enfin, ik hou u op de hoogte van de evolutie van het onkruid. Wellicht zal ik het hier en daar wel eens moeten herhalen, maar als ik er moeiteloos – het duurt alleen even, 10 seconden per plantje – ons voetpad onkruidvrij mee kan houden, is het me de bezigheid wel waard.