Krachtcirkel Knorretje

Er zijn zo van die feestjes waarvan je op voorhand weet dat je er veel te lang gaat blijven hangen. Of dat die kans toch zeer reëel is.

Neem nu de verjaardagsfeestjes van T. P. uit O. Ik ben uit respect voor mijn rug maar om half negen toegekomen, in plaats van half zeven. De hele tuin stond vol met fijn volk, er werd een Ardeens gebraadje in hooi op de barbecue geroosterd, terwijl er nog tal van andere varkensdelen een hittekuur ondergingen, en er was drank. Veel drank, want hier en daar stond ook al een tent opgesteld.

Ik heb heerlijk aan een kampvuur van opfikkende meubelen gezeten, fijne en minder vreedzame verhalen uitgewisseld met zeer aangenaam gezelschap, en om half een verklaarde ik dat ik naar huis ging. Waarna ik langs de keuken passeerde om slaapwel te zeggen, en iets over twee alsnog verklaarde dat ik naar huis ging.

Zo’n feestjes dus.

Mooi, toch, om de vakantie mee af te sluiten?

Me-time.

Deze ochtend moest Wolf echt al vroeg in het Zeepreventorium zijn voor zijn drainage. Kwart over negen stond ik dus alweer op de dijk in De Haan, en vandaar reed ik naar Oostende om er te geocachen. Ik vond een prachtige cache vlakbij het vliegveld, reed naar Stene om er daar een aantal te zoeken van de Schorrewandeling, verzeilde in Zandvoorde, en was rond half een thuis om te koken voor de kinderen.

En ‘s avonds werkte ik gewoon nog wat verder aan mijn sociaal leven. Peter had ik in geen tijden nog gezien of gesproken, en dus gingen we lekker in ‘t Oud Clooster iets eten en bijpraten. Ook altijd goed voor het humeur en het algemene welbevinden. Bedankt, Peter, voor een zeer fijne avond!

 

Rondje Blauwbuik

In april was ik een namiddagje gaan cachen met Véronique en haar dochter. Dat was haar toen zo goed bevallen, dat we afgesproken hadden om dat wel eens meer te doen. Maar bon, ne mens moet tijd hebben en die moet dan nog samenvallen ook natuurlijk. Vandaag was gelukkig wél zo’n dag! Wolf zat uiteraard in het Zeepreventorium, en Léonore was op vakantie met haar papa, maar Véronique had wel haar dertienjarige plusdochter bij zich, en die zag dat cachen hélemaal zitten.

De vorige keer was het een Toertje Daknam geworden, nu gingen we vlakbij voor een Rondje Blauwbuik in Eksaarde. Ook hier waren de caches ongelofelijk mooi uitgewerkt, zoveel meer dan een potje achter een boom.

We wandelden dik drie uur, genoten ervan, snoepten nogal wat, en Véronique maakte foto’s.

Onderweg dronken we iets op het terras van een cafeetje dat eigenlijk gesloten was, maar waarvan de uitbaatster bezweek voor onze charmante glimlach.

Waren we moe? Jawel, maar het was meer dan de moeite waard.

Beeldenparcours op de dijk in De Haan

Wolf moest deze morgen al om kwart voor negen aan de inhalator en dan om negen uur naar drainage, en dus zaten wij kwart voor acht al in de auto. Ha ja, drie kwartier rijden, en dan nog tien minuten stappen tot je van een parkeerplaatsje aan zijn paviljoen bent.

Het resultaat was dat ik om negen uur al in De Haan liep, en voor een keertje de andere kant van de dijk wilde lopen, omdat het daar vol staat met beelden die ik nog niet gezien had. Het was een grijze, bewolkte dag, maar helemaal niet koud, en de beelden waren prachtig. Ik ben van geen kanten een fotograaf, en dus doe ik eigenlijk met mijn iPhonefotootjes de beelden absoluut geen recht, maar bon, u moet zelf maar gaan kijken ginder op de dijk.

Ik ga nog wel eens terug op een heldere dag, zodat ik ook heldere foto’s kan nemen. Vooral de beelden van Linde Ergo spreken me echt wel aan. Ik ben benieuwd: zou haar “Inner Circle” te koop zijn? Blijkbaar zou het beeld er maar blijven staan tot 30/9…

Daarna reed ik vlotjes naar huis, maar blijkbaar had Bart mijn assistentie niet nodig om een cyste op zijn oog te laten wegnemen. Hij is daarna gewoon terug naar kantoor gefietst…

En ‘s avonds had ik dan eindelijk nog eens afgesproken met Gwen. We hadden elkaar niet eens meer gezien voor haar verjaardag op 16 juni, stel u voor. Enfin, we hebben een zalig diner gehad, en ik had meteen ook de nodige rozen voor haar mee. Tradities…

Al bij al een fijne maandag gehad, prima compensatie voor het drukke weekend.

 

Lap…

Jawel, het is weer van dat, en ik vrees echt het ergste. Vannacht deed het op een bepaald moment zoveel pijn dat ik dacht dat we vandaag toch weer richting ziekenhuis zouden moeten gaan. Alleen… daar kunnen ze eigenlijk ook niet veel doen. De vorige keer hebben ze me zware pijnstilling gegeven, heel veel laten rusten, en dan voorzichtig weer in beweging gebracht. Niks minder, maar vooral ook niks meer dan dat.

Ik ben dan maar heel voorzichtig naar beneden gegaan, ben er nog in geslaagd me te douchen, met veel moeite, en heb dan gewoon in de zetel gelegen. Qua eten hebben we overschotjes gegeten, Merel en ik, er was gelukkig wel voldoende. En dan liet Wolf weten dat hij vandaag al mocht opgehaald worden, ik had dat verkeerd genoteerd, ik dacht dat het morgen was.
Bart had een vergadering om één uur, wist niet echt hoe lang die zou duren, maar wilde Wolf daarna wel ophalen. Neenee, had die gezegd, ik kom wel met de trein. Bart is hem dan maar van ‘t station gaan halen, want zelfs dat zou voor mij te veel geweest zijn, denk ik. Hoewel, met enig doorzettingsvermogen kom je ook ver natuurlijk.

Het vervelendste vind ik mijn koor: er is namelijk vanavond én morgenavond nog een optreden van Djiezes, maar dat zal zonder mij zijn: ik kan met moeite rechtop staan momenteel. Blah. Blah blah blah.

Het enige wat mijn dag nog een klein beetje goed maakte, was het feit dat Annick gezellig kwam koffiedrinken. Ik had dat eerst nog wat afgehouden met het gedacht dat ik dus met Merel naar de GF kon gaan, maar niet dus. Gelukkig vond ook Merel dat niet zo erg: we zaten blijkbaar in B&B/koffiehuis De Gele Kat, waar een vrolijke jongedame met gele kattenoortjes, een gele blocknote en een gele stylo onze bestelling kwam opnemen en die dan ook netjes uitvoerde. Compleet met melkschuim, koekjes en een rekening.

Oh, en een tweede positieve noot: het heeft geregend vandaag! Nu ja, regen, het heeft toch een half uurtje gedruppeld, in die mate dat op een bepaald moment gans ons terras toch nat lag. Het droogde wel heel snel op, dat ook, maar toch: er was vocht, en die typische geur van regen op een zomerse dag na een periode van droogte. Petrichor, heet die geur, en dat wil blijkbaar zeggen: “het bloed van de goden op de stenen”. Poëtisch, die Grieken.

Ampla House revisited

Eind februari was ik met Bart naar de officieuze opening gegaan van het Ampla House, de luxe coworking space aan de Coupure waar hij kleine aandeelhouder van is.

Ik had toen gezegd dat ik wel eens wilde terugkomen om er iets te eten, en Véronique was uitermate geïnteresseerd om foto’s te nemen. Dus ja, deze middag togen we gezellig samen in Ionesco (Bart elektrische auto met nummerplaat UBU, vandaar) richting Coupure.

De lunch was simpel maar echt wel lekker: een vegetarische pasta met courgettes en curry. En toen gingen we rondlopen, toonde ik Véronique het hele gebouw, nam ze tonnen foto’s, en was ze er weg van. Qua werkplek kan dit wel tellen, ja. Amai!

En ja, Véronique is ook wel een goede fotografe, ja.

Er was geen tijd meer voor verdere plannen, dus reden we naar huis, maar met alweer een mooie middag op ons conto.

Rein Decoodt – Terug!

Als Véronique me belt met de vraag of ik mee ga naar theater/film/tentoonstelling, dan zeg ik zo goed als nooit nee, want ik weet dat het interessant zal zijn, en dat onze smaken gelijk lopen.

Om acht uur zaten we dus samen op de tribune van Bij’ de Vieze Gasten voor een monoloog die uitverkocht was, en ik begrijp prima waarom. Ik was ook wel stevig onder de indruk.

Zoals de website vermeldt: In 2009 trekt de jonge actrice Rein Decoodt door Mexico. Vanuit het niets wordt ze overvallen door endocarditis, een boosaardige bacterie die haar lichaam en geest teistert van kop tot teen. Na een lange strijd weet ze dat ze niet meer zal worden wie ze was. Zowel fysiek als psychisch is haar ‘zijn’ getekend door onzichtbare en zichtbare littekens.

En jawel, het is Rein zelf die het stuk brengt, die op een bepaald moment haar tekst even kwijt is, maar die dat zonder meer gewoon terug oppikt. Chapeau, als je weet dat geheugenproblemen maar een van de weinige problemen zijn waarmee ze sindsdien te kampen heeft.
Ze brengt het relaas van haar ziekte en de manier om ermee om te gaan, heel eenvoudig, bijna onderkoeld, en net dàt maakt de kracht uit van dit stuk. Je zou het heel melodramatisch kunnen brengen, tranentrekkerig, maar precies dat doet ze niet, waardoor je op een gegeven moment als publiek toch gewoon met tranen in de ogen zit.

Bewondering. Dat is uiteindelijk wat overblijft na deze voorstelling. Een mateloze bewondering voor een jonge actrice en hoe ze zich, na een onnozele bacterie en de verwoestende impact daarvan op haar lijf en geest, door het leven slaat. En warempel opnieuw op de planken staat, dat ook.

Ik weet niet wanneer Rein deze monoloog nog eens brengt, maar als u hem kan zien: gewoon doen. Echt.

(zwart-witbeeld van Fred Debrock)