Archive for the 'Stommiteiten' Category

Feb 27 2017

Nieuwe zetel!

Jawel, de nieuwe zetel staat er!

Het was al een paar jaar – geen overdrijving – dat ik het zei, dat we aan een nieuwe zetel toe waren. Het oude exemplaar was verschenen, er waren slijtplekken op de stof, de kussens hadden betere tijden gekend, en hier en daar was er een plek op die niet meer uit wilde gaan. Maar… het was precies een zetel zoals we die graag wilden: donkergrijs, groot, en vooral zeer breed, zodat je er met zijn allen kunt in gaan liggen. Een echte doorzakzetel, eigenlijk. We hebben die destijds gekocht toen ik in verwachting was van Wolf, kan je je voorstellen.

Vorig jaar, december 2015 dus, was ik al eens met de kinderen in de Weba gaan kijken, en had ik mijn goesting gevonden. Een jaar later, afgelopen januari, heb ik eindelijk Bart meegekregen om te gaan kiezen. Dezelfde zetel was er nog steeds te krijgen, en Bart duidde die eigenlijk ook meteen aan als favoriet. We gingen allebei resoluut voor hetzelfde kleur, alleen mocht de zetel ietsje groter zijn dan nu. En ik betaalde.

Vrijdag kreeg ik een smsje: dat de zetel binnengekomen was. Ah, dacht ik, ideaal voor de vakantie! Deze morgen belde ik dus met de vraag wanneer ze die konden komen leveren. Dat bleek ten vroegste volgende week maandag te zijn, of zelfs nog later. Hmm, ontgoocheling. Tenzij ik er zelf om kwam, suggereerde de dame aan de telefoon: vrachtwagentjes waren er nog genoeg beschikbaar, en dat ging me amper 10 euro kosten.

Hmm. Tempting.

Ik postte dan maar de vraag op Facebook of er een potige heer of dame was die het zag zitten om met ons de zetel af te halen. Prompt kreeg ik antwoord van Steve, mijn dirigent: die woont hier een paar straten verder, behoort tot de potige categorie, was toevallig thuis, en moest zelf ook al een paar maanden een kastje afhalen in de Weba. Deal, dus!

We aten, en Wolf en ik begonnen de bestaande zetel uit elkaar te halen. Alleen was het buiten nog maar eens aan het regenen, en is Wolf nog net niet sterk genoeg om zo’n zetel naar de garage te dragen.

Om kwart over twee pikte ik Steve op, om half drie betaalden we onze respectieve bestelling, en om twintig voor drie stonden we vrolijk in het Webabusje aan te schuiven. Een half uur zijn we kwijt geweest in de file van de Vliegtuiglaan tot aan de stock op de Port Arthurlaan, I kid you not. Enfin, blijkbaar was het Meulesteebrug die nogal lang had opengestaan, want tegen dat we de zetel hadden opgeladen, was de file verschwunden. Bon, thuis eerst de oude zetel in de garage gezet, de drie stukken van de nieuwe zetel binnengesleept, Steve mét kastje gaan afzetten bij hem thuis – tegen dan was het kwart voor vier – en terug naar de Weba getuft, onderwijl de kinders de opdracht gegeven de nieuwe zetel uit te pakken.

Ik wisselde het vrachtwagentje weer in, betaalde het minimumbedrag van tien euro – ne mens kan er niet voor sukkelen – en gniffelde nog eens om het contract. Dat vermeldt dus expliciet het Webabrugje, zijnde de bijnaam van het bijzonder lage brugje in de Spesbroekstraat. Ge wilt niet weten hoeveel camions zich daar al hebben vastgereden…

Kwart over vier wilde ik dus gezwind mijn auto starten, en die deed ‘Prrrt’. En daarna nog ‘uche uche’. En daarna nog ‘pffft’. En daarna helemaal niks meer. Dooie batterij dus, het moest er eens van komen na het débâcle ginder in Waimes. Ik belde de Ford Assistance, kreeg te horen dat ik een uurtje moest wachten, ging dan binnen maar eens neuzen naar een nieuwe salontafel, en zat na het telefoontje van de pechverhelper – “Ik ben ter hoogte van de Sidmar, ik ben over tien minuten bij u” – nog veertig minuten buiten te wachten op een dorpeltje. Tsja.

De auto werd gestart, en ik reed fluks naar huis. Garage was al dicht, dat was geen optie, en ze hadden me aangeraden om morgen gewoon opnieuw de pechdienst te bellen, als het ding niet zou willen starten wanneer ik een nieuwe batterij ging halen.

En thuis, thuis had Bart de tafel al gezet – het was intussen half zeven geworden – en was vooral de nieuwe zetel al helemaal uitgepakt en geïnstalleerd. En goed bevonden. Bijzonder gelijkend op onze oude zetel, maar wel iets langer, een pak zachter, en met een extra stukje.

IMG_8885

Helemaal happy!!

No responses yet

Feb 21 2017

365 – 21 februari 2017 – Shaun the champignon

Published by under 365,Amusement,Stommiteiten

365-feb21

No responses yet

Feb 17 2017

365 – 17 februari 2017 – krullevaar

Published by under 365,Stommiteiten

365-feb17

No responses yet

Feb 01 2017

Temptation!

Published by under Aiaiai,Môh!,Stommiteiten

Ik weet niet wat het is, want ik kijk eigenlijk niet veel tv, maar Temptation Island, daar kijk ik met een intens genoegen naar.

Normaal gezien zie je me zelden voor tien uur in mijn zetel zitten, en dan durf ik wel eens samen met Bart nog een serie bekijken, zoals Vikings, Game of Thrones, Black Sails, Emerald City, Breaking Bad, dat soort dingen. Zelf kijk ik ook graag naar dingen als Poirot, Midsomer Murders, Lewis, Victoria, of Outlander. Lang leve Play More en Netflix dus. In het weekend wordt dat al eens een film, ja, dan zit ik wat vroeger voor het scherm. En QI, dat is de perfecte afsluiter van de avond.

Maar dus nu ook weer Temptation. We hebben al alle reeksen gezien, van ‘Talk to the hand, cos’ the face don’t wanna hear it anymore’ tot ‘Je hebt kijken, en je hebt kijken kijken’. Bart en ik kruipen dan gezellig in de zetel, en ergeren ons gegarandeerd gigantisch dood. En toch, toch blijven we kijken, in plaats van weg te zappen bij zoveel onzin, onnozeleteit en ontaardheid. Waarom? Geen idee. Of het moet zijn om eruit te komen met een opgepept zelfbeeld: dat wij zelfs in onze jonge dagen nooit zo naïef en idioot zijn geweest. En ja, bij momenten lachen we ons tranen. 400 cc humor, waar halen ze het!

Complete bagger is het.

En toch blijven we kijken.  Temptation!

No responses yet

Jan 27 2017

Trop is te veel

Het is al de hele week nogal hectisch, met extra vergaderingen en afspraken, en dan nog ons pa die in het ziekenhuis ligt en dat soort onzin.

Vandaag was er om een of andere reden te veel aan.

Ik had me bij het opstaan niet speciaal moeten haasten, en ook de les in mijn tweedes – ik heb toch echt wel fijne leerlingen, zelfs voor tweedejaars – viel best goed mee.

En toen ben ik snel richting ziekenhuis gegaan. Enfin, eerst nog in vijfendertig haasten geld afgehaald en een boek en krant gaan kopen voor ons pa. Hij heeft er niet echt lectuur, mist zijn kranten, en “Oorlog en Terpentijn” is echt een boek dat hij moet gelezen hebben. Bon, snel richting het ziekenhuis dus. Daar was het duidelijk te merken dat hij behalve Roeland nog niet echt bezoek had gehad, want hij ratelde als een wekker. Die manie zit er natuurlijk ook wel voor wat tussen, maar bon. Ik had wat moeite er een speld tussen te krijgen, maar kreeg uiteindelijk toch alle informatie die ik wilde. Maar, ik geef het toe, ik heb me zelf echt moeten aanmanen rustig te blijven, want op zo’n momenten werkt hij gigantisch op mijn zenuwen.

Soit, om half twaalf verliet ik zijn kamer, met het idee om nog beneden aan de balie een telefoon voor hem aan te vragen, en dan om 12.05 uur terug voor de klas te staan. Bleek dat die telefoon niet aan de balie, maar aan de kassa moet aangevraagd worden. Ticketje voor de kassa dus, en ik zag mensen die na me waren aangekomen, al behandeld worden. Bleek dat er maar één kassa was die dat soort administratieve zaken behandelt, en dat er blijkbaar een taaie zaak voor mij was. Enfin, twintig minuten ijsberen later vroeg ik het nummer aan, en zei ze dat ik het rustig kon laten weten aan ons pa. Als in: met dat kaartje met zijn nummer op naar zijn kamer gaan en het hem afgeven. Niet dus. Gelukkig wilde de dame het ook via de buizenpost naar zijn afdeling sturen.

Ik ben naar buiten gecrosst – en ja, zelfs met zo’n laars aan kan je blijkbaar snelwandelen – en richting school gereden, om er nog net op tijd aan mijn les te kunnen beginnen. Oef.

Om te  eten had ik welgeteld een kwartiertje tijd, en toen stond ik alweer buiten op de speelplaats toezicht te houden. Op zich eigenlijk wel een zenmomentje. En toen kwamen er twee uren eerstejaars, waarvan het eerste uurtje een herhalingstoets was. Op die manier kon ik mijn lijstje van spullen die Jeroen ‘s avonds moest meebrengen naar ons pa, netjes doormailen.
Maar toen was het voor de leerlingen duidelijk ook vrijdagnamiddag: ze waren ongenietbaar, en ik heb me zelfs kwaad moeten maken. Tsja.

Les gedaan, boeltje gepakt, Wolf de opdracht gegeven mijn fototoestel af te halen, snel naar huis gereden, getoeterd voor de deur, Kobe ingeladen en naar de fagotles gereden. In een toch wel echt druk verkeer, eigenlijk. En toen een fijne collega van vorig jaar tegengekomen, zodat ik heel rustig en gemoedelijk heb staan kletsen, en het de moeite niet was om nog naar huis te rijden. Ik ben dan maar om brood gereden, en heb me een beetje bij Kobe in zijn leslokaal gezet. Enfin, naar huis gereden met het idee om dan alweer haastig naar de rugby te vertrekken, maar Bart bleek al thuis te zijn. Oef.

Dat zorgde ervoor dat hij de jongens naar de rugby kon brengen, en ik rustig met Merel kon thuisblijven en eten. Maar ik was dood- en doodmoe. En eigenlijk was er nog het nieuwjaarsfeestje van Wijs op de Bateau in Gent, in Roaring Twenties-stijl. Ik heb hier nog steeds dat charlestonkleedje liggen dat ik ooit geleend heb en dringend moet terugbrengen, en ik had ook de rest van de accessoires al uitgehaald, maar… Ik ben om half acht de jongens gaan ophalen – Bart was toen al vertrokken – en ben hier thuis in mijn pyjama in de zetel gekropen, met een thee, een breiwerk en een aflevering van Poirot. En prompt in slaap gevallen, dat ook.

No responses yet

Jan 06 2017

Niet bepaald van een leien dakje…

Published by under Aiaiai,Itinera,Stommiteiten,Vakantie

We stonden op om acht uur, aten nog bijzonder rustig, en begonnen rond negen uur in te pakken. We zijn het intussen wel zo’n beetje gewoon natuurlijk.

De kinderen pakten ook zichzelf goed in, zetten de bagage een voor een op de slee – bagage op de slee, Merel erachter om ze vast te houden, Wolf trekken, en Kobe ernaast om alles toch nog in goede banen te leiden – en gingen zo telkens naar beneden om de spullen in de auto te zetten.

Halverwege wilde ik eventjes helpen om iets op de slee te zetten, trok ik een paar croques aan, en liep naar buiten. En toen viel de voordeur in het slot, en stonden we daar. De kinderen hadden gelukkig hun jassen aan, maar ik stond er in een T-shirt, en bij -10° is dat niet ideaal te noemen. Gelukkig had ik net de zak met mijn kleren vast, en griste ik er snel een dikke gilet uit, maar dan nog. Wolf had gelukkig wel de autosleutels vast: in het ergste geval reden we terug naar Leuven om daar de reservesleutel te halen. Maar een gigantische chance: de buren waren thuis, en die hadden ook een reservesleutel! Een beetje onderkoeld en gigantisch opgelucht kon ik terug naar binnen, en deden we verder.

Tegen half twaalf was alles ingeladen en opgekuist, en trokken we de deur bewust achter ons dicht. Vrolijk gingen we naar de auto, krabden de vensters ijsvrij, en… De auto wilde niet meer starten. Nikske. Tsja, mijn auto is natuurlijk ook geen -10° gewoon, en staat zo goed als altijd in de garage.

De oude buurman haalde er een externe batterij van een van zijn tractoren bij, en we probeerden te starten, maar helaas. Bizar, eigenlijk. Hij wilde zijn zus bellen die een garage heeft, maar ik heb gratis Ford Assistance, dus dat was eigenlijk nogal onnozel. Bon, na een telefoon van een kwartier ging er iemand langskomen. Alleen… Er was blijkbaar maar één iemand voor de provincie Luik, en de wachttijd was ongeveer twee uur. Tsja.

Wij dus terug naar binnen, gewapend met een doos koekjes, want intussen was het al twaalf uur gepasseerd. Binnen zaten we lekker warm, keken de kinderen tv, en zat ik wat te lezen. En na nog geen uur ging mijn telefoon: dat hij al beneden aan de auto stond, en of ik niet kon afkomen. Ik repte me naar beneden, de man nam een batterij, en… Blijkbaar zat de min van de batterij niet op de logische plaats waar wij de kabels aan hadden gehangen, maar een pak dieper, onder een pak kabels. Kon niet missen, dus, dat de auto niet had willen starten. Ik bedankte de man, gaf de oude buurman drie dikke zoenen – zijn dag was goed, denk ik – en vijf minuten later waren we vrolijk op weg naar Eupen.

We vonden nog een prima restaurantje dat ons om kwart voor twee nog eten wilde serveren, en reden meteen door naar Leuven. Kobe en Merel vielen prompt in slaap, en stapten in Leuven zelfs niet uit om bij Ellen de sleutel af te geven.

Om half zes, zo net na donkeren, reed ik onze eigen garage binnen, en Bart stond ons al op te wachten. Hij beweerde dat hij ons echt gemist had, dat het huis te leeg was deze keer, terwijl hij anders serieus kan genieten van de rust.

En wij, wij leegden alles aan sneltempo uit, en kropen lekker samen in de zetel.

Oef.

No responses yet

Dec 07 2016

OCD much?

Published by under Aiaiai,Stommiteiten

Dan doe je toezicht in de grote zaal van de school, ook wel de turnzaal. In de grond zijn er gaten voorzien om bijvoorbeeld netpalen voor volleybal te installeren. Uiteraard zijn er dekseltjes op die gaten. En staan er ook lijnen geschilderd in de zaal voor de diverse balsporten.

En dan zie je dit.

img_2295

Ik heb me een tijdlang kunnen inhouden, dat geef ik toe. Maar uiteindelijk, bij de zoveelste passage – leraars met toezicht in een zaal lopen nu eenmaal rond – kon ik het niet meer aanzien. Serieus zeg.

Dus nu ligt het zo. Zoals het hoort. Zoals mijn brein ook accepteert.

img_2297

Néh.

3 responses so far

Nov 21 2016

Neurologisch nieuws

Ik was het eerlijk gezegd, in de après-larp-zombieroes, bijna vergeten. Nog een chance dat mijn broer belde: “Gij gaat straks met ons pa naar de neurologe, juist?”

Ja dus.

Bij ons pa is het simpel: er valt niks aan te doen. Hij heeft Parkinson, maar ook nog een ander degeneratief hersenletsel. Kan eigenlijk zowat vanalles zijn, en zorgt dus uiteraard voor extra problemen bovenop de Parkinson. En dat dan natuurlijk gecombineerd met een zware depressie. Er is enkel medicatie om het bibberen wat in te perken, maar veel meer dan dat kunnen ze niet doen. De antidepressiva hebben dan weer een invloed daarop, dus die mogen we niet verzwaren. Het slapen is echter niet normaal, niet te verklaren door Parkinson. Het heeft wat overredingskracht gevergd – lees: ruziemaken – maar ons pa gaat akkoord met een slaaponderzoek. Wellicht scheelt er iets met zijn REMslaap waardoor hij altijd moe blijft. Enfin ja, we zien wel…

Zelf ben ik dan ook maar op consultatie geweest, in verband met dat flauwvallen van mij. Op school drong Sofie er op aan, na het débâcle op de eerste september, dat ik daar toch eens voor naar de dokter zou gaan. Mijn huisarts had wel al gezegd dat het normaal was bij een gevoelige nervus vagus, maar toch. Nu ons pa toch een afspraak had bij de neurologe, kon ik er meteen ook maar een afspraak achter plakken en haar mening vragen. Ze stelde me meteen gerust: gewoon brute pech, maar helemaal normaal. Zij had het zelf ook behoorlijk, was op haar eerste werkdag daar in het ziekenhuis ook plat gegaan. En het schokken en spartelen, zoals in juni? Ook dat was normaal. Blijkbaar hangt het af van de diepte en de snelheid van de bloeddrukval als reactie op de pijnprikkel. Ze citeerde een onderzoek aan Harvard, waar ze dertig studenten bereid hadden gevonden om bij zichzelf die vasovagale reactie op te roepen (met valmat achter hen): er waren er bij die amper een fractie van een seconde weg waren, sommigen lagen roerloos, en anderen hadden precies een epileptische aanval. Niks abnormaals dus, gewoon brute pech dat ik die overgevoeligheid heb, en er valt niks aan te doen. Het kan ook helemaal geen kwaad, zorgt niet voor hersenletsel, het vallen zelf is nog het gevaarlijkste.

Dus nee, ik kan er niks aan doen, en nee, het is niks ernstigs. Ik kan alleen proberen de omstandigheden die zo’n aanval uitlokken proberen te vermijden, maar da’s niet altijd evident. En u pijn doen, of darmkrampen, dat kan je moeilijk vermijden.

No responses yet

Nov 17 2016

Van lunches, laarzen en lesgeven

Published by under Stommiteiten,Werken tedju !

Het lesgeven was zoals altijd op donderdag, van tien tot twaalf. Ongelofelijk hoe goed gezind dat ne mens wordt van te mogen lesgeven. Echt waar. Merci, vijfdekes! (en nee, dit is geen sarcasme, ik meen dat echt).

En toen had ik nog een hoop dingen te verzamelen, links en rechts, en boodschapjes te doen, en zo van dienen rommel waar ge veel tijd in steekt, die ge ooit eens moet doen, maar niet met veel goesting.

Ik reed met andere woorden naar Kundig Hersteld om eindelijk een kapotte – eigenlijk al van bij aankoop – iPhone 5 te laten herstellen voor Wolf, en meteen ook een nieuw scherm voor een iPad 2. Tsja. Toen wilde ik naar Sint-Martens-Latem om er de conformer laars – mijn afneembare plaaster –  te gaan inwisselen: ik had dinsdag bij Wouter een te grote maat meegekregen. Maar die winkel ging maar open om 14.00u, en ik passeerde bij Ikea, dus wat doet ne mens dan die nog niet gegeten heeft en nog een uur heeft zoet te maken? Juist, een stukje gebraad met wintergroenten naar binnen spelen in het Ikearestaurant, en meteen ook een boekenplank meenemen voor Wolf. En nog wat andere kleine dinges, want zo gaat dat in de Ikea…
Enfin, ik werd een uurtje later met de glimlach bediend daar bij De Rijcker, ze pasten mijn nieuwe laars meteen aan, en ik kreeg zelfs nog een nieuwe, op maat gemaakte velcroriem mee voor de oude laars. Chic.

Ik probeerde nog eens naar de Hopper – de scoutswinkel – te gaan voor een hemd voor Kobe, maar nee hoor, ook deze keer was de winkel gesloten. Zonder enige uitleg. Hoeveel antireclame kan zo’n winkel op den duur zijn, zeg? Als ze dan gesloten zijn, dat ze het op zijn minst aankondigen via de website. Serieus, zeg.

Enfin, het was intussen welletjes, en dus reed ik maar naar huis. Ik had nog het een en ander te doen, zoals de jongens hun scoutsgerief helpen verzamelen – ze gaan allebei dit weekend op scoutsweekend – en mijn eigen larpgerief verzamelen. Morgen ga ik daar absoluut geen tijd voor hebben, dat weet ik nu al.

En dan vraagt ne mens zich af hoe hij, zelfs met een voet in een soortement plaaster, nog aan meer dan 10.000 stappen komt op een dag. Zo dus.

No responses yet

Oct 21 2016

Zuipnat, of ‘t scheelde toch niet veel

Published by under Aiaiai,Amusement,Gent,Stommiteiten

Een doodgewone vrijdag, dus ‘s avonds met zijn allen naar de rugby. Merel wilde heel graag op de grote speeltuin, en dus parkeerden we aan die kant, en namen de grote zak met de picknick en zo. Ik keek even naar de lucht die stralend blauw was en waar de zon zeer enthousiast scheen, en verklaarde dat de paraplu’s enkel maar ballast gingen zijn. En dus togen de dochter en ik op weg, door de stralende zon.

We installeerden ons op een bankje aan de speeltuin, en meteen voelde ik nattigheid. Letterlijk. Een paar druppeltjes, maar ik zat netjes onder een boom, het zou wel meevallen, het was maar een vlaag.

Hmm.

Na een paar minuten zei Merel: “Mama, zouden we toch niet gaan schuilen? Het begint precies harder te regenen.” Ik keek rond, maar zag niet echt iets schuilenswaardigs, toch niet dichtbij. Behalve dan het piepkleine kleuterhuisje. Ik geef even een foto van vorige keer mee om te tonen hoe groot dat precies is, dat huisje.

img_6723

Enfin, nood breekt wet, dus ik vouwde me in vieren, en geraakte net het huisje binnen. Net op tijd, want toen barstte het onweer stevig los, en was ik wat blij om opgevouwen in een kabouterhuisje mijn boterhammen te kunnen opeten.

Enfin, een half uur, een paar boterhammen, een gigantische onweersbui en een hoop spelletjes ‘Ik zie, ik zie wat jij niet ziet’ later, ondernam ik een poging om weer uit dat huisje te geraken. Wat simpeler lijkt dan het was. Uiteindelijk bleek ‘kont eerst’ het juiste manoeuvre om er weer uit te geraken. Merel kreeg zowat de slappe lach.

Maar we waren dus wel grotendeels droog, dat wel. Oef.

No responses yet

Next »