Tandengedoe

Dat Wolf een beugel nodig heeft, dat weten we intussen al eventjes. Deze ochtend kon hij naar de tandarts om de twee overblijvende melktanden te trekken. Jawel, hij is veertien en die twee tanden blijven koppig staan. En eventjes naar de tandarts is niet zo eenvoudig, want hij zit nog in het Zeepreventorium uiteraard. Gelukkig kon Saar deze morgen zich vrijmaken voor hem, om kwart voor negen, en werd hij vakkundig van twee tanden ontdaan.


Daarna heb ik hem naar het station gevoerd, zodat hij de trein kon nemen. Ha ja, want ik moet zelf lesgeven om tien over tien, en heen en weer naar De Haan lukt dus niet. Gelukkig vindt hij die trein niet erg, en kan zijn lijf dat intussen probleemloos aan.

Hij zei wel dat hij er nog serieus veel last van had, dat het stevig pijn deed, en dus niet echt zo vlotjes was. Tsja. Maar bon, nu dit grondig laten genezen, zijn nieuwe tanden de tijd geven om erdoor te komen, en dan gaan we naar de volgende fase van zijn beugel. Hij heeft nog even respijt dus.

Toch borelia?

Hup, nu dat weer!

Met dat mooie weer dacht ik van nog eens een kleedje aan te doen, en dan moeten mijn benen nog eens onder handen gepakt worden. Ik legde me dus in de zetel en epileerde mijn linkerbeen. Toen ik aan mijn rechterbeen begon, gingen mijn wenkbrauwen ettelijke centimeters omhoog. WTF? Waar ik op 1 juli die tekenbeet had opgelopen, zat nu een gigantische rode kring, toch wel een goeie 20 cm doorsnee. Ik was nochtans half juli daarvoor naar de dokter geweest omdat er toen een kringetje te zien was van eerder muggenbeetachtige uitslag, was toen getest, en had geen spoor van borelia in mijn bloed.

Deze kring had ik niet eerder opgemerkt, omdat ik eigenlijk altijd met een lange broek aan rondloop, en in de douche ben ik meestal nog niet goed wakker, en was ik me gewoon zonder aandachtig naar mijn schenen te kijken. Hmpf.

Morgen naar de dokter. Zal wel zo’n zware antibioticakuur worden, veronderstel ik. Als dat maar geen Lyme wordt…

Beugel

Al sinds begin 2014 weten we dat Wolfs mond te klein is, dat zijn tanden lastig doen, en dat hij wellicht een beugel ging moeten dragen.

Ondertussen zitten we een heel pak verder, maar is hij nog steeds niet al zijn melktanden kwijt. Hij heeft er nog twee stuks, om precies te zijn.

In juni was hij met Bart naar de orthodontist geweest voor een compleet onderzoek en foto’s van gebit, schedel en kaak, en vandaag mocht ik even gaan luisteren wat daar de conclusies van waren. Ik zat vooral met open mond naar de software van de orthodontist te kijken: die 3D beelden waren schitterend om te zien! En vooral heel handig om uit te leggen.

Want niet alleen staan Wolfs snijtanden boven- en onderaan naar binnen gekeerd, en staat de rest ook redelijk scheef, hij heeft blijkbaar ook een diepe beet. “We spreken van een diepe beet als de voorste tanden ver over elkaar  bijten. In sommige gevallen bijten de ondersnijtanden in het verhemelte en dit kan op termijn tot onherstelbare schade leiden.” Waar de rest nog een esthetische zaak is, kan dit wel echte problemen opleveren. Die beugel is dus ook écht nodig.

Enfin, het zal nog niet voor sebiet zijn, want eerst moet hij naar de tandarts om die twee koppige melktanden te laten trekken, en dan is het even wachten tot de definitieve tanden zijn doorgebroken.

Maar binnen afzienbare tijd zitten we dus met een beugelbekkie. Kan gebeuren.

 

Bang hartje

Vannacht vertrekken we dus naar Rhodos, voor wie het nog niet door had. En ik geef het eerlijk toe: het is met een bang hartje. Omwille van de rug dus.

Gisteren ben ik begonnen met effectief de valiezen te vullen, beetje bij beetje, zoals ik al schreef. Bart had ze op Wolfs bed gelegd, zodat ik me niet hoefde te bukken. Dat gaat namelijk nog steeds bijna niet. De rug is dus absoluut niet wat hij moet zijn, al loop ik wel al sinds maandag zonder stok rond. Ik lig nog heel veel, al was het maar om het vertrek naar Rhodos niet in het gedrang te brengen.

Vandaag heb ik alle laatste spullen in de valiezen gestoken, en ik denk dat we zo goed als alles mee hebben. Bart is Wolf gaan ophalen na de middag – hij mag maximum 13 nachten na elkaar afwezig zijn van het Zeepreventorium, vandaar – en ik heb nog twee machines was gedraaid, opgehangen, gedroogd en opgevouwen. En ja, ik voel de rug serieus…

Ik heb er een absoluut goed gevoel bij om in Rhodos te zijn: liggen, lezen, rusten, niksen… Maar die reis ernaar toe? Geen idee hoe dat gaat verlopen, om eerlijk te zijn. Ik ben al sinds vorige week donderdagavond niet meer buitenshuis geweest. Hell, ik heb zelfs in meer dan een week geen schoenen gedragen!

Maar bon, ik hou u op de hoogte. En ik neem mijn wandelstok mee.

Don’t jinx it…

Ik durf het hier bijna niet te schrijven, maar er is wel degelijk verbetering in de rug. Waar ik gisteren moeite had om recht te staan en vijf stappen te strompelen – dixit mijn vader: “Zo heb ik u nog nooit gezien!” Waarop de kinderen: “Jawel, toen ze net uit het ziekenhuis kwam” – kan ik vandaag rondlopen zonder stok. Ik heb me probleemloos gedoucht, alleen mijn voeten durf ik nog niet wassen, die hebben het met een grondige spoeling moeten doen.

Ik heb plechtig op mijn communiezieltje moeten beloven dat ik me ongelofelijk koest ging houden, en ik heb me dan ook vanavond quasi uitsluitend beperkt tot de zetel. Ik begin me serieus te vervelen – mijn blog is eindelijk bijgewerkt – maar op den duur steekt dat liggen ook tegen, zeker als het rondlopen begint te lukken.

Goh, we zien wel. Ik hou me inderdaad heel erg braaf, in de hoop dat we zondagnacht dus effectief naar Rhodos kunnen vertrekken. Gisteren had Bart namelijk nog half al wanhopend geopperd dat we het moesten cancellen: het zag er echt niet naar uit dat ik zelfs maar 10 minuten in de auto zou kunnen overleven.

We leven dus in hoop.

Aiaiai…

Man oh man, ik dacht dat het zou verbeteren, maar het wordt precies alleen maar erger 🙁
Ook al lig ik al twee dagen bijna continu in de zetel, de rug wordt er niet beter op, wel integendeel…

Ik sleep me voort, heb schrik voor elke beweging, strompel van de zetel naar de tafel om mijn eten binnen te schrokken en zo rap mogelijk weer te gaan liggen, terwijl ik zwaar op mijn stok steun.

Neem ik pijnstillers? Nee, want ook daar ben ik bang voor. Als ik lig, ben ik relatief pijnvrij, dus dat valt mee. Ik heb alleen schrik dat ik me ga forceren, als ik pijnstillers neem, en het dus nog erger maak.

En wat is de oorzaak? Ik durf het echt niet zeggen: ik loop scheef, wat wijst op een opstoot van de hernia’s. Ik hoop zo hard dat het dat (maar) is, want dat gaat normaal gezien over na een paar dagen. Aan de andere kant voel ik ook mijn heupen, en dat wijst dan weer op de listhese.

Hetgeen waar ik enorm bang voor ben, is dat het niet gaat overgaan op een paar dagen, en dat onze reis naar Rhodos in het water valt. Ik heb wel al gezegd tegen Bart dat hij dan maar met de kinderen moet gaan, maar dat gaat hij niet willen 🙁 Ik voel me daar nu zo schuldig over he… Maar zoals het nu is, kan ik zelfs niet in de auto zitten…

Blah.

Blah blah blah!

Nee nee nee nee nee!

Nope, geen Gentse Feesten met Merel vandaag 🙁

Mijn rug is het namelijk weer aan het begeven. Ik ben opgestaan met een stevige zeurderige pijn, in die mate dat ik mijn stok weer heb bovengehaald, de hele dag in de zetel heb gelegen, en tegen vier uur toch nog naar de kinesist heb gebeld. Gelukkig zag Kirsty er geen graten in om me nog om half negen te laten komen, en ze bevestigde dat ik inderdaad niet helemaal recht meer stond. Na een stevige behandeling – en een fijne babbel – is het wel wat beter, maar helaas niet in orde. Goh, ik hoop zo hard dat het niet erger wordt…

Helaas was het ook net vandaag dat ik met Bart naar de Gentse Feesten ging gaan, ‘s avonds dan wel te verstaan. Ze gaan met de ganse ploeg van Wijs naar Polé Polé met VIPtickets, Dirk trakteert. Helaas… Ik kan amper deftig recht staan, laat staan dat ik met de fiets in het centrum geraak en dan de rest van de avond moet staan en dansen.

Blah blah blah.

Morgen beter, zeker? Op hoop van zegen…

Kobes, caches en confituur. En ook wel voetbal, ja.

Blijkbaar was het iets te veel voor Kobe de voorbije dagen: wellicht de warmte? In elk geval voelde hij zich gisterenavond niet zo lekker, heeft ook niet gegeten, en datzelfde geldt voor deze morgen en deze middag. Tot zover de plannen om samen naar ‘t stad te fietsen en daar iets te eten. Goh ja, de vakantie is nog lang…

Ik wilde echter nog aardbeienconfituur maken, maar vond al een paar weken geen confituuraardbeitjes. Tsja. Op algemeen aanraden ben ik naar Ertvelde Tervenen gereden, toch wel een eindje weg, maar als ik dat kon combineren met cachen, waarom ook niet? Ik baande me een weg door de mais – die blaren snijden nog serieus! – sloeg wat tengels plat, en vond vier caches op toch wel hele mooie plekjes.

De aardbeitjes stonden niet goedkoop – 2.5 euro per bakje – maar waren echt wel topkwaliteit. Ik heb ze ‘s avonds tijdens de match – ne mens moet toch iets doen, nee? – gesneden en in de pauze verwerkt tot confituur. Mooi meegenomen, en bijzonder lekker. En Kobe, die voelde zich een pak beter en speelde vlotjes een grote omelet binnen. Oef.