Cachen in Bredene en Brussel

Gisterenavond, toen ik Wolf had afgezet, ben ik nog richting Bredene gereden om er te gaan cachen. Het moet er eerder op de namiddag/avond gigantisch gegoten hebben, want het zand lag kletsnat en er was geen enkel spoor meer te vinden. Nochtans was het niet meer koud, en dus kon ik vrolijk rondlopen. Ik ontdekte een aantal standbeelden, een museumboerderij, een kiosk, en zelfs een cache aan de oprit van de autostrade. Moet kunnen.

Vandaag was het zelfs nog beter om te cachen: op maandag moet ik niet lesgeven, en ons pa vertrok vandaag met Paulette voor een week op Madeira. Ik heb hen dus rond tien uur in Zomergem opgehaald en naar de luchthaven gebracht. Bart had gisteren een zalige maaltijdsalade gemaakt, en die had ik meegenomen. Ik ben vooral in en rond Zaventem gebleven, de gemeente welteverstaan: een cache aan het monument van de aanslag op de luchthaven, een onvindbare aan het station, en dan twee in een heel mooi parkje, waar ik dan ook op een bankje gegeten heb. Ik geniet daar dus van, zo op mijn eentje rondlopen he.

Ik kwam terecht in de kantorenwijk in een bamboebosje, klauterde naar een nooit gebruikte en dus overwoekerde brug vlak naast de Ring rond Brussel, en verzeilde zelfs nog in Evere, om daar vruchteloos te staan zoeken naast het grote kerkhof.

Tegen half vier was ik weer thuis, want om vier uur moest ik met de kinderen bij de tandarts staan. Maar wat heb ik toch een zalig leven…

Dagje Wolf

‘t Is niet dat we hem de voorbije dagen niet gehoord hadden via telefoon of Facetime, maar toch, Wolf werd hier keihard gemist, en eindelijk, eindelijk mochten we naar hem toe.
Opa stond hier netjes om 11.00 uur klaar, alleman werd de auto ingeladen, en we reden naar De Haan. Enfin, eerst naar Vlissegem – dat er vlak voor ligt en er een gehucht van is – om daar iets te eten. Kok sur Mer, het is er dik in orde, moet ik toegeven.

Exact om half twee liepen we het terrein van het Zeepreventorium op, de speelplaats over, langs de school, verder langs het pad richting Wolfs paviljoen.

Binnen kwam hij ons tegemoet, en ik nam nog snel een fotootje van de leefruimte en dan ook zijn kamer en het uitzicht uit zijn venster en zo, kwestie van vooral Omaly op de hoogte te houden :-p

We liepen even terug naar de auto om wat strandgerief op te halen, en liepen dan via de tunnel – die uitzonderlijk open was – naar het strand, om dan verder te wandelen over het zand tot aan De Haan zelf. Daar ploften we ons neer, begonnen de kinderen een kasteel te maken, en deden de volwassenen beurtelings een tukje.

Daarna moest er uiteraard een vieruurtje gegeten worden, in casu een pannenkoek, een ijscoupe – Wolf heeft er zich bijna buikpijn aan gegeten – en zo’n meringue voor ons pa en mij. Ons pa had gesnoven toen hij las dat ik de mijne de vorige keer nauwelijks op kon: “Ik zou daar niet veel spel van maken ze!”. Awel, hij heeft stukken uitgedeeld aan zijn kleinkinderen, en had er dan nog moeite mee. Ja man…

Daarna wandelden we rustig over een stukje dijk en een duinenpad terug naar het Preventorium.

En toen moesten we afscheid nemen, en hadden vooral de twee kleintjes het lastig. Hun grote broer is hun held, weet je wel…

Enfin, we hadden een prachtige dag, en we kijken keihard uit naar zaterdag, wanneer we hem mogen ophalen voor een lang weekend.

 

Voormiddagje Doornik

Kobe moest deze voormiddag rugby spelen in Doornik. Nu is – door het goede weer? – mijn rug echt wel aan het meewerken deze week, en ik zag het dus zitten om naar daar te rijden – ze hadden nog vervoer nodig – en dan met Merel in de stad zelf te gaan rondlopen. Van de vorige keer herinnerde ik me dat Doornik een hele grote markt had, waar dan ook nog eens op zaterdag een grote markt op gehouden werd.
Merel en ik vertrokken dan ook, nadat we Kobe hadden afgezet, met verschillende missies:
1. geocachen
2. op de markt rondlopen
3. zoeken naar rode sandalen
4. samen iets drinken op een terrasje

Dat eerste ging heel vlot: we vonden maar liefst vijf stuks in het centrum, waarvan een letterbox/hybrid, een type geocache dat we nog niet hadden. Daarbij vind je ergens een briefje, dat je dan ergens anders kan inwisselen voor een log en een stempel. We liepen door parkjes, zagen standbeelden, bekeken torens, en zagen dat het goed was.

We liepen over de markt, keken rond, en dronken iets.

En dan sloten we af met die wel heel speciale cache: het Belfort. We meldden ons beneden aan aan de kassa/balie, spraken de code van de geocache uit, en kregen prompt het voordeeltarief van 1.10 euro :-p. En toen begonnen we aan de beklimming. Merel was doodsbang – ze heeft het niet voor hoogten en nauwe ruimtes – maar klom dapper mee, verdieping na verdieping, een smalle draaitrap op. We kwamen aan een eerste kamer, een tweede, een kerker, en kwamen uiteindelijk bij de grote klok, daarna de beiaard, daarna het klavier van diezelfde beiaard, en daarna – dat had ik nog nooit gezien! – de automatische trommel van de beiaard, een gigantisch ding.

Daar vonden we dan ook de cache: een doosje verscholen op een zolderingbalk, waaruit we een klein papiertje moesten halen. We konden nog hoger, maar dat zag Merel écht niet zitten, dus daalden we maar opnieuw af, meer dan 300 treden. Ik was bijzonder verbaasd dat ik daar geen enkele moeite mee had, ik heb zelfs niet staan zuchten. Go me!

Beneden gaven we het papiertje af aan de balie, en kregen we prompt een grote ijzeren kist met daarin een stempel en een logboek. Yay!

Ik had Merel eigenlijk nog een ijsje beloofd, maar er stond liefst 11 man voor ons te wachten, en we moesten Kobe ophalen.

Ik had een heerlijke voormiddag met mijn dochter. “Meisjesdagje” noemde zij dat. Yup.

 

Beetje druk, zei u?

Het was weer zo’n dag vandaag, eentje van de soort die mijn rug niet zo tof vindt.

Om half negen vertrok ik namelijk met drie collega’s en 66 eerstejaars met de bus naar Velzeke, voor onze jaarlijkse uitstap naar het Gallo-Romeinse museum aldaar. Hele fijne dag gehad, daar niet van, maar gewoon te veel van het goede. Ik heb me over de middag een kwartiertje languit op een bankje gelegd, maar dat is eigenlijk niet voldoende.
Tegen het einde van de uitstap keken mijn collega’s me inderdaad bezorgd aan: ik had er blijkbaar al beter uitgezien. Het verslag van die dag, met massa’s foto’s, vind je trouwens hier.

Tegen half vier waren we op school, net op tijd om snel even goeiedag te gaan zeggen binnen, en dat we allemaal veilig en wel terug waren, en naar huis te rijden. Tegen vier uur kon ik eindelijk een tiental minuten in de zetel liggen, want daarna laadde ik Merel in de auto, en reden we naar Kobes koffiestop. Was me dat een teleurstelling, zeg! Op papier stond hij aangekondigd tot half vijf, maar om kwart over vier waren ze net de laatste dingetjes aan het opruimen: het was te koud om nog veel volk te lokken, en dus waren ze maar gestopt. Meh. Ik kon nog wel voor elk een cakeje kopen, nam Kobe mee, gooide Merel thuis af, en reed door richting ‘t stad. Kobe heeft namelijk twee keren op vrijdag fagotles in de Poel. Zijn juf heeft door een zware verkoudheid en het vele hoesten een rib gebroken, en dan is toeteren geen goed idee natuurlijk. Er is een vervangjuf, maar dus in de Poel. Enfin, ik zocht samen met hem zijn lokaal, en ging zelf in alle rust koffie drinken in de Labath. Ik hoefde maar te knikken om een latte te bestellen, en ze waren zowaar verwonderd om me op een vrijdag te zien. Tsja…

Ik trakteerde mezelf op een stukje kaastaart, Kobe kreeg nog een warme chocomelk, en weg waren we weer, naar huis. Daar was er nog een kwartiertje overschot tegen dat Bart, Kobe en Merel naar Nands verjaardagsfeestje vertrokken, en ik moest nog een hoop kleren meegeven.
Ik ging eindelijk wat liggen – bevel trouwens van Wolf, zodra die mijn gezicht had gezien – checkte mijn social media, at snel een boterhammetje, en iets over zeven stonden Wolf en ik bij Jesse en Cody voor een sessie Dungeons and Dragons. Die jongens zijn echt superlief: ik kreeg meteen een clubzetel aangeboden als zitplaats, want daarin kan je perfect hangen en je rug laten rusten.

Waardige afsluiter van een tsjokvolle dag.

Sas Van Gent: langs het kanaal

Ik ben in februari twee keer met ons pa op zondag gaan wandelen: een keer in de Lange Velden hier vlakbij, en een keer langs de Schelde in Gentbrugge. Dat is ons allebei wonderwel bevallen, en dus reden we vandaag met ons tweetjes naar Sas Van Gent, voor een wandeling langs het kanaal Gent-Terneuzen. Meteen konden we er een ganse reeks geocaches vinden.

We parkeerden, en begonnen langs het kanaal te wandelen, helaas toen niet in de zon, die is er pas later weer doorgekomen. De hele wandeling is ons niet gelukt, dat was iets van een 6.5 kilometer, we zijn iets voorbij halverwege omgekeerd en zijn afgeklokt op 4.5 kilometer, een machtig fijne wandeling, 10 geocaches, en een goed gesprek.

In het terugkeren hebben we nog snel de eindcache van Sluis Van Gent opgepikt, en tegen half vijf zaten we achter een dampende kop koffie en een stukje fruittaart. We waren allebei een beetje moe, maar wel heerlijk uitgewaaid.

Ik denk dat ons pa en ik nog wel vaker gaan cachen op zondag…

Wandeldagje

Merel had vandaag een dagje boerderij, maar omdat bussen zo gruwelijk duur zijn, hadden de juffen en meesters gevraagd of het niet per auto kon. Nu, ik moet niet lesgeven op maandag, en dus stond ik rond negen uur met drie dikke vriendinnen in Drongen op de Campagne. Aangezien ik daar nu toch was, kon ik meteen in de vrieskou een wandeling maken, vond ik.

Maar eigenlijk was ik nog niet uitgewandeld, en dus ging ik nog even in de Vinderhoutse bossen, op zoek naar een cache. Helaas, geen cache, wel een drie kwartier gezonde boslucht opgesnoven.

Ik reed naar huis, ging nog even liggen, en tegen kwart voor twaalf stond Véronique hier. Samen gingen we eten in de VIP-school, waar twee keer per maand op maandag de leerlingen eten serveren aan de leraars + gasten die dat willen. We waren met niet veel, maar het was wel gezellig: Franse dag. De menuutjes waren in het Frans, de tafel was zeer Frans gedekt, en er speelde een ‘valse musette”. We kregen zelfs, zoals het hoort, de bediening in het Frans, zij het een beetje stuntelig. Maar het eten was wél lekker: een stukje quiche als voorgerecht, daarna vol au vent met frietjes, en een schitterende tarte tatin als afsluiter. Een zeer Escheriaans gebouw, overigens.

Daarna wandelden Véro en ik rustigjes richting STAM om daar een superleuke multicache rond het museum te doen. Kort, maar heel leuk, veel bijgeleerd, en supermooi gedaan.

Tegen drie uur repte ik me alweer naar Drongen, om daar een zeer vrolijke, maar ook wel vermoeide Merel op te pikken.

En dan was er ‘s avonds nog logo, waardoor ze al helemaal pompaf was, en ik ook. 14.599 stappen, goe gedaan!

Cadzandië

Björn van IdeeKids had me een tijdje geleden gecontacteerd: of ik het niet zag zitten om rond zijn domein Cadzandië in, u raadt het al, Cadzand, een geocachetocht te leggen. Toen ik hem vroeg wat hij precies in gedachten had, moest hij bekennen dat hij er eigenlijk niet zo veel van afwist. Tsja… Ik wilde dat gerust doen, maar ik ga niet elke keer naar Cadzand rijden om een logrolletje te vervangen of een nieuw potje te steken, hij moet dat wel degelijk zelf kunnen onderhouden. We zijn vandaag dan maar naar Cadzand gereden voor een uitleg aldaar.

Rond elf uur zaten we in de auto, en onderweg pikten we vrolijk een paar caches op, tot we ons aan de duinen parkeerden. Björn had ons namelijk Strandpaviljoen DOK 16 aangeraden om te eten, en jawel, dat was een excellente keuze!

Je zit dus ook echt op het strand, met zicht op zee. Heerlijk! Na het eten liepen we dan ook een eindje over het strand, maar niet te ver, want Wolfs rug kan dat niet aan. Onderweg naar Candzandië pikten we ook nog een tweetal caches mee.

Iets over twee waren we bij Björn en gingen de kinderen meteen met de gocarts spelen, al kwamen ze na een tijdje toch binnen een beetje lezen. Intussen kon ik uitgebreid uitleggen wat geocachen nu eigenlijk was, en wat zijn opties waren voor een geocachetocht in de buurt. Hij ging het eens grondig bekijken, zei hij.

Tegen vier uur waren we weer onderweg: een paar geocaches, en dan een vieruurtje in datzelfde Dok 16, terwijl Merel en Kobe op het strand speelden en vliegerden.

Tegen dan begon het al serieus donker te worden en reden we naar huis. Fijne, vermoeiende dag, maar echt wel genoten.