Cachen in het meetjesland

Een mooie zonnige dag, geen dringende zaken te doen en een vrije namiddag: ik nam de auto en reed naar mijn grootmoeder in Ursel, maar wel via een omweg.

De weg tussen Zomergem en Ursel ligt opengebroken, en dat was het ideale excuus om meteen een grotere omweg te maken en een hoop caches te zoeken.

In Vinderhoute pikte ik een simpel cacheke op, deed de resterende zes van De Soete Beese in Landegem, en brak mijn hoofd over een specialleke aan de brug tussen Merendree en Hansbeke. Helaas, ik vond de oplossing niet, al zat ik er dicht bij. In Hansbekebrug zat er een grote cache – effectief in het metaal van de brug – meer bepaald een cryptex, een speciaal soort puzzel. Het heeft me toch ook wel een half uurtje en wat kopbrekens gekost tegen dat ik hem door had. Oh, en ik had Hansbekebrug nog nooit van zo dichtbij gezien, laat staan dat ik me op ‘t gemak op het ijzer heb gezet. Geestig!

Ik reed nog langs een kapelletje in Bellem, en haalde mijn duizendste cache op een bankje temidden van de velden in Ursel.

En toen kwam ik bij mijn grootmoeder, en bleek ze op zwier te zijn! Gratienne, een van de vrijwilligers, was haar komen halen voor een wandeling (allez ja, rolstoelwandeling) en was een tiental minuten weg. Hmpf. Ik had niet echt zin om met de auto in de buurt rond te gaan sjezen om ze te zoeken, en dus ging ik even op het bankje vooraan in de zon zitten. En ging dan om brood, waarbij ik de bakkersdame herkende, en zij jarenlang in de Zomergemse Unic te hebben gewerkt, waarbij ze mijn ma maar al te goed kende. Tsja… Ze hebben er overigens goeie koffie, daar bij de bakker.

En toen was het drie kwartier later, en was oma gelukkig terug. Nog drie kwartier later zocht ik een alternatieve weg terug naar Gent, en vond er nog een prachtig gelegen cache in Diepenbeek.

Tegen dat ik in Zomergem aan de vaart kwam, ging de zon net onder.

Helemaal uitgewaaid, ontspannen en goed gehumeurd ging ik huiswaarts. A day well spent!

Naar huis!

Jawel, na meer dan een maand in het ziekenhuis mocht ons vader vandaag eindelijk naar huis. Oef! Vorig weekend had hij een dag mogen proberen, en dat was al bij al meegevallen. Hij was eigenlijk zelfs blij terug in zijn eigen omgeving te zijn.

Vandaag ben ik hem iets over elf gaan ophalen met al zijn gerief, en we hebben hier thuis gegeten. Na het eten heb ik hem dan naar Zomergem gebracht, waar het huis intussen al lekker warm was. Hij had ook meteen brood mee, charcuterie, een paar yoghurtjes, dat soort dingen, zodat hij de eerste dagen geen boodschappen moet doen. Voor morgen heeft hij ook een volledige maaltijd mee, al zit de kans er wel in dat hij bij Jeroen mag gaan eten.
Met de auto rijden is voorlopig nog geen goed idee, maar als het moet, kan hij wel te voet naar de slagerij gaan, waar ze zowel dagschotels als beleg verkopen, en dan heeft hij meteen ook wat hij moet hebben.

Was hij blij dat hij thuis was? Jazeker. Maar meteen overviel hem ook weer een stevige melancholie: hij mist ons ma, en vooral het alleen zijn in dat huis dat hij altijd met haar deelde, valt hem zwaar. Alleen… daar is geen oplossing voor, geen troost, en dat weet hij ook.

Ik heb nog eens goed gekeken of hij wel goed geïnstalleerd was, heb hem nog eens stevig geknuffeld, en reed toen naar huis. Allez ja, met een omweg, want er waren hier nog twee geocaches die ik nog wilde oppikken. Eentje daarvan lag in de Kattenwegel bij een prachtig uitzicht en mijn broers op één na favoriete bank.

De volgende lag een eindje verder, de Molenstraat naar beneden, en dan Ro in. En daar, daar sloeg ook voor mij de melancholie toe. Dit was een van de favoriete straten van ons ma, met het ongelofelijke weidse uitzicht. Als kind en tiener gingen we hier soms fietsen, en dan genoot zij immens.
Ik was er in geen twintig jaar langs gereden, en bij het zien van diezelfde velden heb ik me even moeten parkeren, ik geraakte niet verder. Als ergens ons ma haar geest nog rondwaart, dan zal het hier in Ro zijn. Met haar haar overhoop gewaaid en glinsteringen in haar ogen.

Ik mis u, ma. Maar we doen voort, en we doen het goed. En ons pa, die redt zich wel. Gaat gij nog maar een eindje fietsen, hier in Ro. En vergeet uw fleske water niet in uw fietstas te steken hé.

Nieuwjaren, deel twee

Ha ja, met mijn familie hadden we dat nog op nieuwjaar zelf kunnen regelen, met Barts familie is het traditioneel op de eerste zondag van het nieuwe jaar. Kerstdag hadden we nog bij Nelly thuis gevierd, nu zaten we in het restaurant van Triamant – de serviceflat waar ze verblijft – en dat was ook dik in orde.

Daarna trokken we met zijn allen naar haar appartement voor de nieuwjaarsbrieven.

Ik kreeg trouwens opnieuw, na de pareloorbellen vorige week, een heel mooi cadeau van mijn schoonmoeder: een prachtig, oud kettinkje dat nog van haar moeder is geweest. Er bestaat een foto van haar waarop ze het draagt, en ze is een jaar of twintig. Dat moet dus ergens het interbellum geweest zijn. Zoals de juwelier zei: de waarde zit niet in het goud of de stenen, wel in het vakmanschap en het ontwerp. En de leeftijd, natuurlijk. Nelly droeg het ook vaak, en ik had er telkens al bewonderend naar gekeken. En nu mag ik het het mijne noemen, en ik vind dat prachtig.

Het doosje waarin ik het kreeg, was trouwens dat van haar uurwerkje, van een juwelier op de Groote Markt in Deinze ^^.

Bart bracht daarna met mijn auto nonkel Staf naar huis en nam de kinderen mee, ik ging nog een paar geocaches oppikken en reed daarna naar ons pa in ‘t ziekenhuis.  En toonde trots mijn nieuwe aanwinst.

 

 

Nieuwjaren

Het had wat voeten in de aarde, maar bon, er is genieuwjaard gisteren. Met de kinderen deden we ‘s middags een fondue, en ze konden zich niet herinneren dat we dat ooit al gedaan hadden.

En tegen zes uur kwamen de broers alweer hier met hun gezin. Tsja, eerst sputterden ze allebei tegen wegens niet echt op voorhand gepland en andere plannen en… Maar toen zei de ene: “Goh ja, tegen zes uur kunnen we wel in Wondelgem zijn”, waarop de andere instemde. En het dus blijkbaar hier te doen was. Soit, we hebben er niet echt veel werk van gemaakt: chipjes en zo en daarna gewoon kaas met brood. Oh, en nieuwjaarsbrieven, natuurlijk.

Tegen negen uur bracht ik ons pa terug naar het ziekenhuis, en dat was dat ^^

Kerstdag

We sliepen lekker lang uit, de kinderen speelden Red Dead Redemption, en we aten de overschot van gisterenavond, en dan was er nog over zelfs. Daarin heeft Bart een beetje van zijn moeder: die heeft ook altijd veel te veel.

En in de namiddag reden we effectief naar zijn moeder. Bart reed iets vroeger door om nonkel Staf op te halen, maar had er niet bij stilgestaan dat zijn auto nu niet bepaald de meest praktische is om oudere mensen in te laten stappen, en dus reed Koen dan maar om Nelly in Triamant.
We aten allemaal gezellig samen taart in de Ommegangstraat: Else had de tafel al helemaal gezet, en het was er net als vanouds. Nelly had dan ook nog een heel mooi kerstcadeautje voor me: parel oorringen. Nijpertjes, dat wel, maar ze zijn heel comfortabel.

Tegen half vijf reden we richting huis en wilde ik nog snel in ‘t passeren een cache oppikken. Helaas, de eerste bleek onvindbaar, en dus zochten we maar eentje een klein beetje verder. En genoten van de prachtige zonsondergang.

En ‘s avonds zaten we gewoon gezellig samen en keken naar een Harry Potterfilm, zoals Merel al een hele tijd vraagt.

Meer moet een kerstdag toch niet zijn?

Kerstavond

Het is sinds een aantal jaar afwisselend kerstavond bij Jeroen en bij ons, en deze keer was het dus aan ons. Bart moest wel nog werken en was pas thuis tegen een uur of vijf, maar hij had wel al alle voorbereidingen gedaan, en wilde per se alles zelf koken.
De kinderen en ik hadden dan wel het hele huis in orde gezet: niet alleen de keuken – tot en met het legen van de vuilbakken en de groenselbak, zodat alles klaar stond – en de woonkamer, maar ook de gang, de gang boven én de drie kamers van de kinderen.

Tegen half zeven was Jeroen hier met het gezin en ons pa, en haalde Bart een keur van hapjes boven. Meteen werd ook een eerste rond cadeautjes geopend, en daar zaten vooral de jongens op te wachten: zij kregen namelijk, van iedereen samen én nog voor hun nieuwjaar, een Playstation 4. De tv had Wolf deze namiddag al geïnstalleerd, zodat ze meteen konden spelen. En inderdaad, Wolf, Kobe en Alexander verdwenen quasi meteen naar boven.

Het voorgerecht was een carpaccio, en na een ronde cadeautjes volgde het hoofdgerecht: varkenswangetjes op een bedje van gerookte forel, met een krokantje van kaas en een hoop verschillende groenten. Lekker!

Als dessert – na nog wat cadeautjes – had Bart een “messy dessert”: meringue stukjes met slagroom en rode vruchten. En voor mij had hij zowaar de aardbeien apart gehouden, want ik hou niet van de rest.

Toen lieten de kinderen nog allemaal een stukje muziek horen:

Al bij al werd het een zeer gezellige avond, en was het half twaalf tegen dat ik ons pa terug in het ziekenhuis kon afzetten.

 

Verjaardagsfeestje voor Marne

De timing is natuurlijk niet alles, maar het kind kan er uiteraard ook niet aan doen dat ze net nu verjaart. En de feestjes bij Roeland en Sarah zijn altijd bijzonder gemoedelijk, dus dat is meteen ook mooi meegenomen.

Als cadeautje hadden we gans Kobes slijmgerief meegenomen: ingrediënten, potjes, glitter, kleurstof, handboek en een grote box om alles in op te bergen. En vooral ook: Kobe zelf, als slijmmeester. Hij is uitgeslijmd intussen, en zij vindt het fantastisch! Ze had het alleen nog nooit zelf mogen maken van Sarah, maar nu dus wel. Doodcontent, dat metekind van me!

Er was zoals altijd een uitgebreide brunch, terwijl de kinderen boven speelden en wij gewoon gezellig zaten te kletsen. Ik herinner me dat ik me een jaar geleden gewoon niet goed kon zetten in de zetels ginder, maar dit keer had ik eigenlijk nergens last van. Het werd een aangename middag, heerlijk relax, en dat deed ook eens deugd. Alleen jammer dat ons pa er niet bij kon zijn, maar bon… Die is tenminste veilig.