Een Gentse zondag

Véronique had voorgesteld om vandaag eerst naar het MSK te gaan, en dan samen iets te eten. Wij zeiden geen nee, en zelfs Wolf zag dat zitten.

We voelden ons meteen weer old school Gentenaars, die eerst naar een (op zondagvoormiddag gratis) museum gaan en dan de stad intrekken. Iets over elf stonden we aan het Museum voor Schone Kunsten, wij met de auto, Bart met de fiets: zo kan hij makkelijker Pokémon vangen :-p

De tijdelijke tentoonstelling van Medardo Rosso sprak me niet zo aan, en de vaste collectie is ook niet zo direct mijn stijl, maar het grote werk in de inkomhal, met pseudo-Farsi zinnen, vond ik dan weer fantastisch, net zoals de Metafloristiek onder de koepel.

Daarna reden we naar de parking van de Ramen, want we hadden gereserveerd in de Brasserie onder de Stadshal. Dik in orde, zoals altijd.

Bart is daarna nog gaan kijken of er nog bootjes te huren vielen op de Coupure, maar alles was al lang weg. Wolf vond het trouwens welletjes voor zijn rug en wilde naar huis, maar Merel is nog meegegaan met Véronique en Léonore naar de Zebrastraat.

Een fijne zondagmiddag, jawel.

Toonmoment en bijhorend stadsgeloop

Kobe had vandaag voor fagot een toonmoment in ‘t stad: niet in de Drabstraat, zoals de vorige keer, ook niet in de Poel zelf, maar wel op de hoek van de Ramen, in het foyer van een serviceflatgebouw. Wijs hoor!
Hij moest er een uurtje op voorhand zijn om nog even door te spelen, en intussen dronken Merel en ik een koffie op het terras van – waar anders? – de Labath er schuin tegenover. Toen Kobe moest spelen, kwam hij ons halen, en namen we onze drankjes gewoon mee.

Na zijn optredentje  brachten we de fagot opnieuw naar de auto – dat ding is loodzwaar! – en gingen een ijsje halen. Ha ja, tradities zijn er om in ere te houden.

Het was er ook ideaal weer voor, om, gezeten op het muurtje van de Graslei onder de grote paraplu die dienst deed als parasol, te genieten van zo’n ijsje.

Geef toe?

Cachen in Bredene en Brussel

Gisterenavond, toen ik Wolf had afgezet, ben ik nog richting Bredene gereden om er te gaan cachen. Het moet er eerder op de namiddag/avond gigantisch gegoten hebben, want het zand lag kletsnat en er was geen enkel spoor meer te vinden. Nochtans was het niet meer koud, en dus kon ik vrolijk rondlopen. Ik ontdekte een aantal standbeelden, een museumboerderij, een kiosk, en zelfs een cache aan de oprit van de autostrade. Moet kunnen.

Vandaag was het zelfs nog beter om te cachen: op maandag moet ik niet lesgeven, en ons pa vertrok vandaag met Paulette voor een week op Madeira. Ik heb hen dus rond tien uur in Zomergem opgehaald en naar de luchthaven gebracht. Bart had gisteren een zalige maaltijdsalade gemaakt, en die had ik meegenomen. Ik ben vooral in en rond Zaventem gebleven, de gemeente welteverstaan: een cache aan het monument van de aanslag op de luchthaven, een onvindbare aan het station, en dan twee in een heel mooi parkje, waar ik dan ook op een bankje gegeten heb. Ik geniet daar dus van, zo op mijn eentje rondlopen he.

Ik kwam terecht in de kantorenwijk in een bamboebosje, klauterde naar een nooit gebruikte en dus overwoekerde brug vlak naast de Ring rond Brussel, en verzeilde zelfs nog in Evere, om daar vruchteloos te staan zoeken naast het grote kerkhof.

Tegen half vier was ik weer thuis, want om vier uur moest ik met de kinderen bij de tandarts staan. Maar wat heb ik toch een zalig leven…

EVA foam workshop

Het lag al maanden vast: vandaag zou Danny ons een heuse workshop rond het werken met EVA foam geven. Ons zijnde de Vossen, mijn groepje LARPdames met wie ik al jaren samenspeel. En EVA foam, dat is een soort van yogamattenmousse die je perfect kan bewerken en beschilderen tot het eruit ziet alsof je een pantser, botten, een dierenkop of wat je ook maar kan bedenken, aanhebt. Alleen moet je dus weten hoe je dat doet, en dat is wat Danny ons vandaag ging leren bij hem thuis in zijn garage in Antwerpen.

We hadden om elf uur afgesproken, en dus draaiden we ongeveer allemaal tegelijk om half twaalf Danny’s straat in. Wolf was ook mee: de dames hadden geen bezwaar, en dit is een activiteit die hij nog wel aankan, omdat het ook veel zitten en kijken is, en hij tussendoor kan gaan liggen.

Sabrina zou Sabrina niet zijn, als ze niet de perfecte gastvrouw speelde, zelfs op verplaatsing. Ze palmde meteen de keuken van Danny en Els – die helaas niet kon blijven wegens andere verplichtingen – in, en er was nog warme citroencrumble met uiteraard verse koffie, waarvoor we Danny’s senseo plunderden. Hij bekeek het met welgevallen en knikte instemmend.

Daarna trokken we met zijn allen richting de kelder, waar we besloten om allemaal als startobject een bracer te maken, een onderarmbeschermer. We werden ingewijd in de geheimen van het patroontekenen, snijden, verhitten, frezen, schuren, dremelen, plakken, versieren, plastidippen, verven… en zagen dat het goed was. Dat het stoffig was, veel werk, maar ook ongelofelijk leuk.

Tussendoor was er catering van Sabrina: een courgettesoep, en dan iets met heel veel groenten, zalm, maar ook Italiaanse ham, balsamicocrème, tomaat, mozzarella… Italiaans dus, en zeer lekker! En als dessert frisse watermeloen met munt en, jawel, balsamico.

Het ontlokte Danny de uitspraak: “Goh, da’s toch heel anders dan met de mannen: die komen hier toe met een bak bier en een zak chips…” Tsja, wij weten ook waarom de Vossen de beste zijn.

Tegen half zes ruimden we op, en Wolf en ik moesten ons nog opjagen: het was een uur rijden, we moesten nog douchen en eten, en tegen zeven uur moesten we alweer weg, naar De Haan.

En ja, er moet nu hier dringend een deftige dremel gekocht worden. Dat is vanzelfsprekend, toch?

Impromptu barbecue

Jawel, de hel is niet bevroren, er is hier ten huize gebarbecued, mét gasten zelfs. Allez ja, dat laatste was niet gepland, maar wel bijzonder gezellig.

Merel had deze namiddag namelijk verjaardagsfeestje van Lieze. Omdat ze nog altijd niet echt durft fietsen – eigenlijk kan ze het al lang, maar ze durft gewoon niet – reden zowel Bart als ik mee per fiets om haar te begeleiden. Kobe was ook uitgenodigd om samen met Kaat de bende meisjes in goede banen te leiden. Enfin, Merel viel wel een keer en stond te stampvoeten – waar heb ik dat nog gehoord? – maar we geraakten er zonder problemen, en ik bleef vijf minuutjes hangen en reed toen naar huis. Kwart over vijf stonden Bart en ik er terug om hen op te halen, en toen stonden Els en Jurgen erop dat we nog iets bleven drinken op het terras. Het werd bijzonder gezellig, maar tegen zessen verklaarden we dat we naar huis moesten, want Wolf ging thuiskomen – die was met Barts elektrische fiets naar een vriendje, een hele vooruitgang – en we gingen barbecuen, jawel. Waarop Lieze meteen begon te roepen en te springen: “Ooh, barbecue, mag ik mee, mag ik mee?” en Merel onmiddellijk mee begon te springen. Goh ja, waarom niet? Mijn echtgenoot kennende was er meer dan eten genoeg. Lieze mocht mee. Toen we dat verklaarden, begon Janne – de kleinste van vier – prompt te huilen dat ze ook mee wou, en Kaat – 11, Kobes leeftijd – te mokken dat dat niet eerlijk was. Juist.

Wij, de volwassenen, keken even naar elkaar, en schoten toen in de lach. Waarop ik voorstelde dat we nog even langs de Delhaize konden om extra vlees, dat er van de rest wellicht meer dan genoeg was, en dat ze gerust alle vijf mochten komen barbecuen. Els en Jurgen waren pompaf van het feestje en zeiden geen nee, maar hadden zelf nog barbecuevlees in de diepvries, ze gingen dat dan wel meebrengen. Een goed half uur later kwamen ze dus bij ons aan, waar de barbecue al vrolijk aan het gloeien was, de tafel gedekt stond, en het heerlijk zitten was. We dronken aperitief, stonden om beurten te bakken, en de kinderen stelden een showtje samen. Wolf was steendood – hij was niet alleen naar Jens gefietst, ze waren met een ganse bende naar ‘t stad gefietst – maar genoot intens, en hij niet alleen.

En natuurlijk waren er als dessert geroosterde marshmallows en gegrillde ananas. Jammer dat er daar niet extra van was, die was meteen op.

Maar ik had een zalige avond, heerlijk ontspannend, en helemaal geïmproviseerd. De max, toch?

Mijn kinders zien mij niet graag…

Wolf en Kobe mochten vanavond mee kijken naar een film, maar die duurde nogal lang.

Tijdens een van de reclamestukken zei ik dus tegen Kobe, terwijl ik zelf even richting computer verdween: “Ga al je pyjama eens  aandoen?” Algemeen gegoefel en gegniffel bij de drie heren, en Kobe verdwijnt. Iets later staat hij voor mij als volgt:

Blijkbaar was mijn ‘eens’ nogal uitgesproken als ‘s’, en was hij dus al zijn pyjama’s gaan aandoen.

Zucht.

Mijn kinders lachen mij uit…

Van wandelingen, dansers en caches.

Ons pa kwam, zoals gewoonlijk, eten, en daarna gingen we van het mooie weer profiteren – kon dat gisteren nu zo niet zijn?? – door een wandeling te maken in de Groene Velden, hier wat verderop in Mariakerke. Daar ligt een geocachewandeling, maar helaas, we liepen vast bij punt vier, waar we de coördinaten niet meer vonden. Jammer, jammer. Hopelijk wordt het hersteld, zodat we de rest ook kunnen lopen. Gelukkig gaf een bevriende cacher me de eindcoördinaten, zodat we wel de stash konden vinden.

We hadden wel allebei enorm genoten, het is er echt heel mooi.

Bon, er was nog taart en koffie, en daarna ging ons pa naar huis.

Een paar uur later zagen we elkaar opnieuw: de balletvoorstelling van de school waarbij blijkbaar niet alleen Alexander en Marie-Julie dansen, maar ook een handvol leerlingen. Ik moet het toegeven, ik had er niet zo heel veel van verwacht, maar ik was zeer aangenaam verrast door het niveau van zowel choreografieën als dansers. Mooi, mooi!

Om nog even uit te waaien en mijn hoofd helder te krijgen, zocht ik in Aalter nog een paar caches. Ik heb het lastiger en lastiger met veel volk om me heen, ik heb dan echt even stilte nodig.

Lentefeest

Jawel, ook Kobe gaat volgend jaar – zij het een jaartje te vroeg – naar het middelbaar, en mocht die overgang vieren. Waar Wolf nog koos voor zijn plechtige communie, kwam Kobe simpelweg met de uitspraak af: “Ik geloof niet in God” en dus kreeg hij een lentefeest.

Om twaalf uur stonden we in Volta, waar ze speciaal voor ons hadden opengedaan, en we boven aan één grote lange tafel zaten. Er waren hapjes, er waren asperges op een heel speciale wijze als voorgerecht, er was brasvark als hoofdgerecht, en iets met rabarber als dessert. Ik vond het superlekker, maar Bart had ervoor geopteerd om de kinderen hetzelfde te geven, en dat had iets minder succes.

Jammer ook dat het buiten zo koud en grauw was: dit feest leek totaal niet op het feest van Merel vorig jaar, en nochtans was het dezelfde locatie. Tsja…

De kinderen liepen nochtans regelmatig buiten en amuseerden zich best, maar boven zat de sfeer er precies niet zo goed in als anders. Niks aan te doen, zeker?

Om vier uur moesten zowel Sarah en Marne naar een optreden van K3, als Marie-Julie en Alexander zich gaan klaarmaken voor een balletoptreden ‘s avonds, en dus vertrok meteen maar iedereen. Roeland kwam nog hier even zitten met Nand, en dat was eigenlijk nog ferm gezellig.

En ja, Kobe wordt groot…

Malazan Book of the Fallen

Vorige week had ik ze eindelijk uit, de reeks ‘Malazan Book of the Fallen’ van Steven Erikson.
Ik had een goed jaar geleden op Facebook de vraag gesteld wat de mensen me zouden aanraden qua fantasy. Ik ben dan prompt de trilogie The Blade itself van Joe Abercrombie beginnen lezen, en daarna de hele reeks rond The Black Company, van Glenn Cook. Dat waren al tien stevige boeken, waar ik intens van genoten heb.

En toen kreeg ik de reeks Malazan Book of the Fallen aangeraden, met een duidelijke caveat: dat ik moest beseffen waar ik aan begon, want dat dat een stevige tijdsinvestering ging zijn. Ik keek even na, en jawel, 11216 pagina’s in van die kleine paperback edities. Maar bon, ik begon te lezen, en raakte er helemaal in meegesleept. Wat een taalgebruik! Wat een filosofische overpeinzingen! Wat een gigantische wereld, wat een plots, wat een meanderend verhaal dat dan toch weer samenkomt… Game of Thrones is er niks bij, en die heb ik nochtans ook graag gelezen.

Met andere woorden: lees je graag fantasy in het Engels, lees je veel, lees je snel, en heb je het ervoor over om een half jaartje aan het lezen te zijn of zo? Ga er dan voor: deze reeks is… overweldigend. Echt. Wow.